is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijdrekenkundig overzicht van de vaderlandsche geschiedenis

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1520. Luther verbrandt de Pauselijke banbul. Bloedbad te Stokholm.

1521. Luther op den rijksdag te Worms.

1523. Gustaaf Wasa wordt koning van Zweden.

1525. Boerenoorlog. Thomas Munzer. De boeren verslagen bij Frankenhausen door Filips van Hessen.

/ s' . K

1529. Rijksdag te Spiers. De Evangelische vorsten en stenden komen in verzet (protest) tegen het verbod van verdere nieuwigheden in den godsdienst in te voeren. De naam Protestanten.

1530. Rijksdag te Augsburg. De Protestanten geven hun geloofsbelijdenis over, door Melanchton opgesteld (Augsburgsche confessie). Er wordt besloten alle nieuwigheden af te scha 11en^

1531. Verbond te Smalkalden, Zwingli sneuvelt bij Kappel, ten n. van Zürich.

1532. Godsdienstvrede te Neurenberg. Beide partijen beloven elkaar niet vijandig aan te vallen tot op het houden van een concilie, dat binnen het jaar zou bijeenkomen.

1534. Wederdoopers te Münster. Jan Beukelsz. van Leyden en Jan Matthijsen van Haarlem.

1535. Jan van Leyden ter dood gebracht.

1541. Calvijn, hervormer te Genève. (1509—'64).

1543. De orde der Jezuïeten door paus Paulus III bekrachtigd.

/fj. Ignatius van Loyola.

1545. Concilie te Trente (1545—'63).

1546. Smalkaldische oorlog.

1547. Slag bij Mühlberg. Johan Frederik van Saksen en Filips van Hessen moeten zich overgeven aan keizer Ivarel.

1551. Maurits van Saksen verbindt zich met Hendrik II, koning van Frankrijk, tegen den Keizer en brengt dezen geducht in het nauw.

1552. Verdrag te Passau. De Lutherschen verkrijgen vrije godsdienstoefening. Frankrijk maakt zich meester van Metz, Toul en Verdun.

1553. Maurits sneuvelt in den slag bij Sieversliausen tegen Albrecht van Brandenburg. Maria, de Katholieke, koningin van Engeland.

1555. Godsdienstvrede te Augsburg. De rijksstenden ontvangen het recht in 't vervolg öf den Katholieken bf den Lutherschen eeredienst te omhelzen. De onderdanen krijgen het recht het land te verlaten van een' vorst, die slechts één godsdienst wil dulden.