is toegevoegd aan uw favorieten.

Het Bethel-boek

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

was hij dan ook met dezen nieuwen leider van het werk op den besten voet.

Maar hij voelde zich merkbaar ouder worden. Aan hem te zien was het niet. Die rechte gestalte, die flinke tred schenen te spreken van ongebroken kracht. Het sloopingswerk der jaren vangt bij den eenen aan bij het lichaam, bij den anderen bij den geest. Dat laatste was met mijn vader het geval. Zijn bevattingsvermogen werd minder, zijn geheugen werd zwak. Hij kon niet meer zoo als hij zoo gaarne nog had gewild. Langzamerhand legde hij verscheidene van zijne werkzaamheden neder. Hij gaf eerst zijn ontslag als ouderling der Herv. gemeente. Ook uit het Silo-bestuur wilde hij zich terugtrekken. Men wilde hem daar echter niet laten gaan. Hij bleef nog eenigen tijd, maar verklaarde met nadruk, dat men niets

meer van hem moest verwachten, totdat hij ruim een half jaar voor zijn dood beslist bedankte.

En toch, toen het zeer primitieve Evangelisatie-lokaaltje Bethel te Schaerbeek door een grooter en doelmatiger kapel zoude worden vervangen en men hem vroeg of hij zich nog met dien arbeid zoude kunnen belasten, aanvaardde hij zonder aarzelen en met vreugde deze taak. Met jeugdigen ijver toog hij aan het werk en hij wijdde er zich aan met al de liefde van zijn hart. En wij, die wisten hoe zwak zijn hoofd was, wij konden niet anders dan ons verbazen dat hij nog zulk werk vermocht te leveren, dat in niets onderdeed voor wat hij in zijn beste dagen had

voortgebracht.

Met onmiskenbaren haast was hij aan deze taak bezig geweest. Hij wist toch, dat zijne dagen waren geteld. In den zomer van het vorige jaar had hij te Culemborg, bij zijn jongste dochter logeerende, een soort flauwte gehad en toen had de geneesheer zijn aanleg voor een be-