is toegevoegd aan uw favorieten.

Afscheidspreek te Amersfoort op 22 jan. 1911 en intreepreek te Haarlem op 29 jan. 1911

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

scheidsure dringt zich al het goede met kracht aan de ziel op — dan treedt terug het verdrietelijke, dat er was en de teleurstelling, bovenal in de menschen. Dan voelt het hart heel diep alléén den liefdeband, die nu wordt verbroken.

Herinnering draagt ook uit den schoot der tijden mij toe, wat is geweest en is gedaan deze jaren.

'k Zie beelden van vele gemeenteleden, die zoo heerlijk hun steun gaven voor ons werk; hoeveel sympathie en medewerking was ons deel. Veel werk ging zoo gemakkelijk en zoo goed, omdat er zoovelen waren, die 't mee deden. Zoo doet de herinnering ons leven in 't verleden. Ik zie ze allen voor mij; die vele vrienden, die trouwe helpers in het werk, heel de mij zoo dierbare gemeente van Amersfoort! Nu is de ure van afscheid gekomen, 't Bevel klinkt: „Maakt de touwen los; zet koers naar andere haven".

Wij zullen de touwen losmaken en gaan, doch niet zonder elkander in deze laatste ure nog eens ernstig te hebben toegesproken en vóór het heengaan te hebben vertroost en vermaand. Ik wil dat doen naar aanleiding van Paulus' woord in Handelingen 20:31, 32. Daarom waakt en gedenkt, dat ik drie jaren lang nacht en dag niet opgehouden heb een iegelijk met tranen te vermanen. En na broeders, ik beveel U Gode en den woorde Zijner genade, Die machtig is U op te bouwen en U een erfdeel te geven onder alle de geheiligden.

Wij vinden hier drie gedachten, welke wij nader willen ontwikkelen.

1. Paulus' afscheid en zijn zorg.

2. Paulus' afscheid en zijn verantwoording.

3. Paulus afscheid en zijn geloof.

of — anders gezegd — in ons tekstwoord geeft Paulus:

een vermaning aan de gemeente;

een getuigenis aangaande zichzelf;

een bede tot God.