is toegevoegd aan uw favorieten.

Met Jezus op den berg

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

XII.

HET GEZAG DER OUDEN.

Matth. 5:21. Gij hebt gehoord, dat door de ouden gezegd is.

De tegenstelling is tusschen Jezus Christus en de ouden, en daarom vertalen wij, door de ouden.

Het zijn niet Mozes en de profeten, die de Heer „de ouden" noemt, maar de mannen aan wie Israël zijne menschelijk uitgedachte inzettingen te danken had (Markus 7 : 3, 7, 8).

Hij is gewoon op andere wijze de Schrift aan te halen. Hij beschouwt haar niet als het gesprokene, maar als 'tgeschrevene. Herinner u Zijne vragen: hoe leest gij? enhebt gij niet gelezen? en zijn woord: „daar staat geschreven.

De ouden hier bedoeld waren niet opzettelijke tegenstanders van Mozes. Zij weerspraken Mozes niet, om hem te weerspreken. De woorden, die de Heiland hun in den mond legt, zijn woorden van Mozes, woorden der Heilige Schrift. Maar ze zijn woorden, zoo als deze ouden en niet zoo als Mozes en de profeten en de Heer ze verstonden.

Ze zijn de mannen van gezag, die zich geroepen hebben geacht Mozes te verklaren, maar niet bij machte waren de diepte zijner woorden te peilen — om den geest te ontdekken die in de letter verborgen was.

Zij zijn de rabbijnen, wier woorden in de dagen des Heeren nog niet op schrift waren gebracht, maar door rabbijn na rabbijn in 't geheugen werden bewaard, en alzoo van geslacht tot geslacht werden overgeleverd.

'tls niet toevallig, dat al de woorden, die de Heer als