is toegevoegd aan uw favorieten.

De internationaalrechtelijke betrekkingen tusschen Nederland en Japan (1605-heden)

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in Japan van Nederland, Engeland, Frankrijk en de Vereenigde Staten hunne regeeringen dringend in overweging gaven om eene strafexpeditie tegen den daimyo van Choshü te ondernemen; de Sliögun was niet bij machte den vazal, die op eigen hand tegen bevriende mogendheden vijandelijkheden was begonnen, tot rede te brengen. A^ooral onze regeering nam de beleediging, de Nederlandsche vlag aangedaan, zeer hoog op; terwijl de andere kabinetten, vooral het Engelsche, weinig lust toonden om tot eene strafoefening over te gaan, bleef men deze in Den Haag bij voortduring verlangen1). De Engelsche gezant in Japan evenwel verschilde met zijne regeering van gevoelen, hij meende dat, werd er geen voorbeeld gesteld, de Europeanen weldra nergens in Japan meer veilig zouden zijn, en juist vóórdat er orders voor hem uit Engeland kwamen, welke hem verboden mede te werken tot vijandelijkheden in Japan, had hij met de andere vertegenwoordigers tot de expeditie besloten en was de vereenigde vloot naar Shimonoseki vertrokken In het begin van September 1864 hadden de vijandelijkheden plaats, waaraan aan Nederlandsche zijde behalve drie andere oorlogsschepen ook de „Medusa" weer deelnam; het eind was, dat de daimyo van Choshü onderhandelingen begon, als resultaat waarvan eene voorloopige overeenkomst2) tot stand kwam, geteekend door afgevaardigden van den daimyo en den Engelschen en Franschen admiraal. Daarbij werd bepaald, dat de zeeëngte voortaan open zou zijn voor vreemde schepen en hare oevers niet

1) Handelingen Tweede Kamer 1865 —'66 blz. 145. — Frankrijk s wrok was veel verminderd, doordat de Japansche regeering zich bij art. 2 der reeds op blz. 118—119 genoemde Parijsche conventie — door den minister Drodyn dk Lhdys met de eerste buitengewone zending, die na de openstelling van Japan naar Europa kwam, in Juni 1864 gesloten — verplicht had om de engte van Shimonoseki open te stellen en - te houden, zie den text der conventie bij De Clkecq, Traités de la France, IX blz. 30.

2) Text bij Dk Clkbcq, Traités. IX, blz. 134.