is toegevoegd aan uw favorieten.

Verzameling voorschriften betreffende het inlandsch onderwijs

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Artikel 3.

De Directeur van Onderwijs, Eeredienst en Nijverheid bepaalt, hoeveel leerlingen als adspirant-bestuursambtenaar, hoeveel als adspirant-onderwijzer, uit elk gewest tot de school worden toegelaten.

Artikel 4.

De school staat onder toezicht van de Inlandsche Schoolcommissie ter plaatse.

Artikel 5.

De school is verdeeld in twee afdeelingen, de voorbereidende bestaande uit twee, en de vakafdeeling bestaande uit vier jaarklassen. De klassen worden aangeduid als le tot en met 6tt klasse (1).

Artikel 6.

(1) Het onderwijs omvat de volgende leervakken:

a. de Nederlandsche taal;

b. de landstalen (Boegineesch en Makassaarsch);

c. de Maleische taal;

d. de rekenkunde;

e. de aardrijkskunde;

f. de geschiedenis;

g. de kennis der natuur:

1. natuurkunde,

2. scheikunde,

3. plantkunde,

4. dierkunde;

h. de beginselen der landbouwkunde;

i. het handteekenen;

j. het schrijven;

benevens voor de adspirant-ambtenaren: k. de beginselen der landmeetkunde;

voor de adspirant-onderwijzers:

l. de opvoedkunde.

(2) Het onderwijs in het zingen is facultatief.

(3) De lessen worden gegeven volgens een door den Directeur van Onderwijs, Eeredienst en Nijverheid vast te stellen leerplan.

(i) De laatste zin is aan artikel 5 toegevoegd ingevolge art. 1, § I, van Gouv. besl. 18 October 1913 n<>. 33 (Stbl. 1913 n«. 620).