is toegevoegd aan uw favorieten.

Verzameling voorschriften betreffende het inlandsch onderwijs

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

f 50 (vijftig gulden) 'smaands, met 6 (zes) driejaarlijksche verhoogingen, elke van f 10 (tien gulden) 's maands, en van f 40 (veertig gulden) 'smaands, met 4 (vier) driejaarlijksche verlioogingen, elke van f 5 (vijf gulden) 'smaands, indien zij dat examen niet hebben afgelegd f);

met bepaling:

le. dat, ingeval tot de betrekking van Inlandsch onderwijzer'wordt benoemd een hulponderwijzer of onderwijzer bij het openbaar lager Inlandsch onderwijs, de diensttijd, die voor de toekenning van de aan deze betrekkingen'verbonden traktementsverhoogingen in aanmerking komt, medetelt voor de toekenning van de traktementsverhoogingen als Inlandsch onderwijzer;

2e. dat bij terugkeer tot of plaatsing bij het openbaar lager onderwijs van een Inlandsch onderwijzer de diensttijd als zoodanig zal medetellen voor de toekenning der traktementsverhoogingen, verbonden aan de betrekking waartoe hij bij dat onderwijs wordt benoemd,

d. voor een schoolbediende f 7.50 (zeven gulden vijftig cent) 's maands;

e. voor school- en lokaalbehoeften, hieronder ook begrepen leermiddelen en schrijf- en teekenbehoeften, een bedrag berekend naar den maatstaf van 4 (vier) gulden per leerling 'sjaars, wordende bij die berekening als grondslag aangenomen het getal leerlingen die op den vijftienden dag der maand Januari van het loopende jaar als werkelijk schoolgaande bekend staan.

IV. Yoor plaatsing als Inlandsch lste onderwijzer en als onderwijzer bij deze scholen komen in aanmerking: a. personen die het examen, bedoeld bij het besluit van 24 April 1891 Hs 11 (Bijblad op liet Staatsblad n- 4<o6) ( ) met gunstigen uitslag hebben afgelegd;

b personen die benoembaar zijn tot hulponderwijzer bij het openbaar Inlandsch lager onderwijs en bovendien eyen«•enoemd examen met gunstigen uitslag hebben afgelegd of op andere wijze blijken hebben gegeven van voldoende kennis der Nedèrlandsche taal.

V De Inlandsche onderwijzers bij deze scholen worden benoemd en uit de betrekking ontslagen door den Directeur van Onderwijs en Eeredienst, die hen, ingeval zrj zich aan berispelijke handelingen, wangedrag of plichtsverzuim schuldigen nu bezoldiging van de niet aan een kweekschool opgeleide Inlandsche onderwijzers is laatstelijk geregeld bij Gouv. besl. 6 Maart 1915 n». 20 (Stbl. 1915 n». 238), blz. 362.

(2) Blz. 365.