is toegevoegd aan uw favorieten.

Verzameling voorschriften betreffende het inlandsch onderwijs

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

die van Nederlandsch-Indië, zoomede eenige bekendheid met de wiskundige aardrijksbeschrijving.

2. Grondige kennis van het gebruik, de kracht en de beteekenis der taalvormen in het Bataksch. Vaardigheid om zich, zoowel mondeling als schriftelijk, gemakkelijk in het Bataksch uit te drukken.

3. Vaardig en duidelijk lezen van het Bataksch met eigen en Latijnsche karakters. Blijken geven dat het gelezene wordt verstaan en duidelijk kan worden verklaard.

4. Het vervaardigen van schoonschrift in eigen en Latijnsche karakters. Tevens zal bij de beoordeeling van het schrift gelet worden op dat van het overig schriftelijk werk.

5. Bedrevenheid in de vier hoofdbewerkingen der cijferkunst, zoowel met gewone en tiendeelige breuken als met geheele getallen. Vaardigheid in de toepassing der hoofdregels bij de schriftelijke oplossing van vraagstukken ontleend aan de practijk en aan de omgeving, en bij het rekenen uit het hoofd. Nauwkeurige kennis van het metriek stelsel van maten en gewichten en van het muntstelsel.

6. Kennis van de voornaamste eigenschappen der drieen veelhoeken en van den cirkel. Kennis van de berekening van oppervlakte en inhoud van eenvoudige meetkunstige lichamen.

7. Voldoende bedrevenheid in het teekenen van eenvoudige voorwerpen uit het dagelijksch leven.

8. Duidelijke begrippen van klassikaal onderwijs; van de gepaste middelen, waardoor orde en tucht in de school worden gehandhaafd, en van de methodiek der leervakken.

9. Kennis van de voornaamste gebeurtenissen, vermeld in de boeken van het Oude en het Nieuwe Testament, benevens bekendheid met den oorsprong dier boeken en hun hoofdzakelijken inhoud. Grondige kennis van den kleinen katechismus en van de voornaamste kerkelijke gezangen.

10. Eenige bekendheid met de geschiedenis van Nederlandsch-Indië sedert het einde der XVIde eeuw. Eenige bekendheid met de volken der oudheid voor zoover zij een overwegenden invloed op het verloop der wereldgeschiedenis hebben uitgeoefend. Kennis van de geschiedenis der Christelijke kerk gepaard aan bekendheid met de voornaamste feiten der algemeene geschiedenis, die met haar in verband staan. Grondige kennis van de uitbreiding der Christelijke kerk in de Bataklanden.

11. Eenige kennis van dieren, planten en delfstoffen. Eenige kennis van de algemeene eigenschappen der lichamen en verklaring der voornaamste natuurverschijnselen.

12. Vaardig lezen van het Maleisch met Latijnsche karakters. Blijken geven dat het gelezene wordt verstaan.