is toegevoegd aan uw favorieten.

Verzameling voorschriften betreffende het inlandsch onderwijs

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kend alvorens aan het bepaalde in de beide vorige leden is voldaan.

Artikel 12.

De op den voet van deze regelen gesubsidieerde scholen zijn, behalve wat betreft het godsdienstonderwijs dat er mocht worden gegeven, onderworpen aan hetzelfde plaatselijk en algemeen toezicht als de gewone openbare lagere scholen voor Inlanders, waar Nederlandsch wordt onderwezen.

Artikel 13.

(1) Aan hen, die het plaatselijk of algemeen toezicht uitoefenen, moet te allen tijde toegang tot de school worden verleend.

(2) De besturen zijn, op straffe van verlies der aanspraak op subsidie, verplicht aan den Directeur van Onderwijs en Eeredienst en aan de personen, die verder met het toezicht zijn belast, mondeling en schriftelijk alle verlangde inlichtingen te geven, ook omtrent de wijze waarop de subsidie-gelden zijn besteed.

Artikel 14.

(1) Jaarlijks in de tweede helft der maand Januari worden de aanvragen van subsidie, onder overlegging van alle opgaven en bescheiden, welke voor de toepassing van deze regelen noodig zijn, door tusschenkomst van den betrokken inspecteerenden ambtenaar gezonden aan den Directeur van Onderwijs en Eeredienst, die, voor zoover de beschikking op de aanvragen tot zijn bevoegdheid behoort, beslist of de school, waarvoor subsidie wordt aangevraagd, voldoet aan de in deze regelen gestelde eischen en voorwaarden, het bedrag der subsidiën bepaalt en zijn besluit onder aangeteekend couvert doet toekomen aan het bestuur der school, dat de aanvrage deed.

(2) Binnen dertig vrije dagen na de ontvangst van dit besluit kan daarvan door het bestuur der school bij den Gouverneur-Generaal in beroep worden gekomen.

(3) Het bedrag der subsidiën wordt alsdan bij eindbeschikking van den Gouverneur-Generaal vastgesteld.

(4) Voor scholen, die in den loop van het jaar zijn opgericht, moet de aanvraag van subsidie worden ingediend in de eerste helft van de tweede maand, volgende op die, waarin aanspraak op subsidie is verkregen.

(5) Het in dit artikel bepaalde betreffende het tijdstip van indiening der subsidie-aanvragen geldt niet de aanvragen van