is toegevoegd aan uw favorieten.

De sĕḍĕkahs en slamĕtans in de desa en de daarbij gewoonlijk door den Javaan gegeven andere festiviteiten

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

(kramas). Zelfs de armste desa-bewoner tracht dan zoowel voor zich zeiven als voor ieder lid van zijn gezin, iets nieuws te krijgen; het een of ander kleedingstuk, eenig lijfsieraad, enz. dal op den ariaja-dag gebruikt kan worden, en verder, zij het ook op meer dan bescheiden voet, eenige gerechten of versnaperingen klaar te houden voor familieleden, vrienden en kennissen, die hem en de zijnen op dien dag of gedurende de eerste week na den bakda-riaja (zoolang, dikwijls zelfs nog langer, brengt men elkander z. g. nieuwjaarsbezoeken) de sèmbah of eene contra dan wel beleefdheids-visite komen brengen.

Eindelijk nog moeten wij hier melding maken van de pitrali (Ar: fitrah s^ki) d. i. een cijns in natura, die aan de geestelijken, in de desa op den laatsten dag der vastenmaand, gewoonlijk in den vorm van twee bèroeks (een maat voor rijst van 1 a I1/2 tot 2 a 21/2 kati's inhoud) ontbolsterde, ongekookte, rijst wordt aangeboden.

In tegenstelling met de djakat (Ar. zakat 5 ij), waarover wij het straks nader zullen hebben, is de pitrah meer een zuivering van personen, dan een van goederen, en dient zij eensdeels voor het onderhoud der geestelijken, anderdeels voor andere doeleinden, waarom zij ook in de moskeekas of bait-al-mal (Ar. jl.51 gestort

wordt.

Het gebruik bestaat om ter gelegenheid van den bakda-riaja, en dikwijls zelfs op den malëm