is toegevoegd aan uw favorieten.

Wetboek van strafrecht voor Nederlandsch-Indië

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Artikel 138.

(1) Hij die een geschrift of afbeelding, waarin eene beleediging voorkomt voor den Gouverneur-Generaal of den waarnemenden Gouverneur-Géneraal, met het oogmerk om aan den beleedigenden inhoud ruchtbaarheid te geven of de ruchtbaarheid daarvan te vermeerderen, verspreidt, openlijk ten toon stelt of aanslaat, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar en vier maanden of geldboete van ten hoogste driehonderd gulden.

(2) Indien de schuldige het misdrijf in zijn beroep begaat en er, tijdens het plegen van het misdrijf, nog geen twee jaren zijn verloopen, sedert eene vroegere veroordeeling van den schuldige wegens gelijk misdrijf onherroepelijk is geworden, kan hij van de uitoefening van dat beroep worden ontzet.

Artikel 139.

(1) Bij veroordeeling wegens het in artikel 130 omschreven misdrijf, kan ontzetting van de in artikel 35 n°. 1—5 vermelde rechten worden uitgesproken.

(2) Bij veroordeeling wegens een der in de artikelen 131—133 omschreven misdrijven, kan ontzetting van de in artikel 35 n°. 1—4 vermelde rechten worden uitgesproken.

(3) Bij veroordeeling wegens een der in de artikelen 134—136 omschreven misdrijven, kan ontzetting van de in artikel 35 n°. 1—3 vermelde rechten worden uitgesproken.

Titel III.

Misdrijven tegen hoofden en vertegenwoordigers van bevriende staten.

Artikel 140.

(1) De aanslag op het leven of de vrijheid van een regeerend vorst of ander hoofd van een bevrienden staat wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vijftien jaren.

(2) Indien de aanslag op het leven den dood ten gevolge heeft of met voorbedachten rade wordt ondernomen, wordt levenslange gevangenisstraf of tijdelijke van ten hoogste twin tig jaren opgelegd.

(3) Indien de aanslag op het leven met voorbedachten