is toegevoegd aan uw favorieten.

Wetboek van strafrecht voor Nederlandsch-Indië

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Artikel 347.

(1) Hij die opzettelijk de afdrijving of den dood der vrucht van eene vrouw zonder hare toestemming veroorzaakt, wordt gestraft met gevangenisstraf, van ten hoogste twaalf jaren.

(2) Indien het feit den dood van de vrouw ten gevolge heeft, wordt hij gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vijftien jaren.

Artikel 348.

(1) Hij die opzettelijk de afdrijving of den dood der vrucht van eene vrouw met hare toestemming veroorzaakt, wordt gestraft met gevangenisstraf van teil hoogste vijf jaren en zes maanden.

(2) Indien het feit den dood van de vrouw ten gevolge heeft, wordt hij gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zeven jaren.

Artikel 349.

Indien een geneeskundige, vroedvrouw of artsenijbereider medeplichtig is aan het misdrijf in artikel 346, of schuldig of medeplichtig aan een der misdrijven in de artikelen 347 en 348 omschreven, kunnen de in die artikelen bepaalde straffen met een derde worden verhoogd, en kan hij van de uitoefening van het beroep waarin hij het misdrijf begaat worden ontzet.

^j/ "" Artikel 350.

Bij veroordeeling wegens doodslag, wegens moord of wegens een der in de artikelen 344, 347 en 348 omschreven misdrijven, kan ontzetting van de in artikel 35 n°. 1—5 vermelde rechten worden uitgesproken.

Titel XX.

Mishandeling. 4 :'j

Artikel 351.

(1) Mishandeling werdt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren en acht maanden of geldboete van ten hoogste driehonderd gulden.

A\ 0