is toegevoegd aan uw favorieten.

Gewijzigd ontwerp B, tot herziening der agrarische verordeningen voor de Gouvernementslanden op Java en Madoera

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

GEWIJZIGD ONTWERP, TOT HERZIENING DER AGRARISCHE VERORDENINGEN VOOR DE GOUVERNEMENTS-LAN DEN OP JAVA EN MADOERA.

BESTAANDE BEPALINGEN,

VOOKGESTELDE BEPALINGEN.

TITEL I.

Agrarisch Besluit (Ind. Stbl. 1870 n°. 118).

Artikel 1. Behoudens opvolging van de tweede en derde bepaling der voormelde Wet, (*) blijft het beginsel gehandhaafd, dat alle grond, waarop niet door anderen recht van eigendom wordt bewezen, domein van den Staat is.

Van het Staatsdomein.

Artikel 1. Grond, waarop niet door anderen recht van eigendom wordt bewezen, is domein van den. Staat.

(2). Het deel van dat domein, waarop anderen zakelijke of persoonlijke rechten hebben, wordt, voor de toepassing van dit besluit, gerekend tot het onvrij, het overige tot het vrij domein van den Staat.

Alinea 1. De beteekenis van de z.g. domeinverklaring in artikel ï van het vigeerend Agrarisch Besluit is toegelicht op bl. 12 vlg. van de Domeinrecht-nota.

Ongewijzigd kon dat artikel niet worden overgenomen.

Vooreerst is in de 2e en 3e bepaling der Agrarische Wet niet een voorbehoud te zien op het beginsel, dat alle grond, waarop niet door anderen recht van eigendom wordt bewezen, domein is van den Staat.

Tussehen het een en het ander is zelfs geen rechtstreeksch verband aan te wijzen.

De 2e en 3e bepaling dier Wet zeggen niet anders dan dat de Gouverneur-Generaal heeft te zorgen, dat geenerlei afstand van grond inbreuk make op de rechten der Inlandsche bevolking en dat over gronden, door Inlanders voor eigen gebruik ontgonnen, of als gemeene weide of uit eenigen anderen hoofde tot de dorpen behoorende, niet mag worden beschikt dan ten algemeenen nutte en ten behoeve der op hoog gezag ingevoerde cultures, overeenkomstig de daaromtrent geldende verordeningen en tegen behoorlijke schadeloosstelling.

Die bepalingen beperken wel de bevoegdheid van den Gouverneur-Generaal om ten behoeve van den Staat of van derden te beschikken over gronden, waarop Inlanders of Inlandsche gemeenten rechten hebben, maar staan in geen direct verband tot de verklaring, dat tot het domein van den Staat behooren de gronden, waaróp niet door anderen recht van eigendom wordt bewezen.

Afgescheiden hiervan was wijziging in de redactie van artikel 1 noodig met het oog op het voorgesteld nieuw artikel 62 van het Begeeringsreglement (zie Ontwerp A), waarin bepalingen als de 2e en 3e van de Agrarische Wet niet voorkomen.

De thans aanbevolen formule: „Grond, waarop niet door anderen recht van eigendom wordt bewezen, is domein

O De Agrarische Wet (Indisch Staatsblad 1870 no. 65).

t