is toegevoegd aan uw favorieten.

Hervorming van het staatsspoorwegbedrijf in Nederlandsch-Indië

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wijs doch met redelijie nauwkeurigheid, de volgende schaal afleiden voor de netto-opbrengst van het achtereenvolgens in de Staatsspoorwegen op Java sedert 1875 gestoken kapitaal:

lste en 2de jaar ..... nihil

3de t/m 5de „ ! 3 pct.

6de „ 10de , 4

11de „ 15de „ 45

16de „ 20ste „ 5'

21ste „ 25ste „ 55

26ste „ 30ste „ e "

31ste „ 35ste „ g 5

36ste „ 38ste „ 7

Maakt men met die schaal eene berekening als proef op de som 'dan vindt men voor de netto-opbrengst van 1875—1912 een fictief totaal van

ƒ 148.003.875,— in plaats van het werkelijk totaal ad ƒ 149.943.253, .

Hieruit en uit de betrekkelijk niet groote verschillen, jaar voor jaar'berekend, blijkt dat de schaal voldoende nauwkeurig is. Alleen voor de laatste jaren is het verschil betrekkelijk groot, maar dat schijnt ook raadzaam met het oog op het vermoedelijk exceptioneele karakter der opbrengstvermeerdering in die jaren. Deze schaal, in bijlage III tevens grafisch weergegeven, levert een waardevollen grondslag voor de raming van de netto-opbrengst in volgende jaren, zoowel van het bestaande Java-net als van de verder aan deu aanleg en de uitbreiding van spoor- en tramwegen op Java te besteden kapitalen.

B. Schatting van de geldelijke inkomsten in het tijdvak van 1915—1944.

Voor de raming van hetgeen in een zeker tijdvak door het als zelfstandige instelling gedachte bedrijf met eigen middelen tot stand kan worden gebracht, dient allereerst te worden vastgesteld:

1 de vermoedelijk beschikbare middelen,

2. het maximum-bedrag aan kapitaal, dat de geldmarkt gemiddeld per jaar ter beschikking van het bedrijf zal kunnen en wülen stellen,

3. de rentevoet en het aflossingspercentage der leeningen.

De berekening kan slechts tastenderwijs geschieden, omdat de aan aanleg, uitbreiding enz. bestede kapitalen telkens na de voltooiing daarvan tot de opbrengsten gaan bijdragen. In welke mate dat geschiedt hangt bovendien af van de bijzondere bestemming aan die kapitalen gegeven, t. w. aanleg of uitbreiding op Java of in de Buitenbezittingen, voor welké immers de rentabiliteit verschillend zal zijn.

1. De beschikbare middelen.

Voor een bedrijf, dat zich zelf moet bedruipen staan geen andere middelen ten dienste dan de netto-opbrengst der exploitatie van de voltooide spoor- en tramwegen; deze opbrengst moet dus aan de hand van de uitkomsten van het verleden worden geschat.

Ten einde zich rekenschap te geven in hoever de schaal der rende-