is toegevoegd aan uw favorieten.

Erfpachtsuitgifte op Java voordracht aan de Nederlandsch-Indische Bestuursacademie

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

die koerg zou moeten zijn. Hij gaat daarbij dezelfde richting uit als de welvaartcommissie, die in hare voorstellen in zake het vervoerwezen (Hoofdstuk IV c. sub. 14) een globaal ontwerp levert voor de opening van streken. Die richting, ook volgens mijn oordeel de juiste, is, dat voor elke een economisch geheel vormende streek, waar nog in eenigszins belangrijke mate vrij Staatsdomein aanwezig is, men zich zou moeten afvragen — ik haal hier de woorden van den heer Ham aan — „wat van de verdere economische ontwikkeling te wachten zij en een regel moeten vaststellen voor de verdere reserveering en uitgifte van grond, in dier voege, dat de totale oppervlakte zoo doelmatig mogelijk worde verdeeld over de verschillende vormen van grondbezit en grondgebruik: boschreserve in den eigenlijken zin des woords; overig, voor staatscultuur reeds thans in aanmerking komend, of voor

o '

later te reserveeren domein; erfpacht en inlandsche ontginningen ; opdat niet een van deze vormen meer dan voor de verdere ontwikkeling der volkshuishouding wenschelijk is, overheersche, doch er een zeker evenwicht besta". Om tot een zoodanigen regel te komen zouden, zooals door de welvaartcommissie wordt voorgesteld, voor elke betrekkelijke streek verkenningscommissies behooren te worden aangewezen, bestaande uit eenige Europeesche en Inlandsche ambtenaren. Aan deze zouden, hetgeen mij als een dringende eisch voorkomt, ook niet-ambtenaren moeten worden toegevoegd bijv. Europeesche landbouwondernemers, ontwikkelde inlanders e.d. Uitnemend op de hoogte van plaatselijke toestanden als deze personen dikwerf zijn en geheel los van het ambtenaarsstandpunt waarop de andere commissieleden staan, zullen hunne adviezen de zaak niets anders dan tengoede kunnen komen.

Een globaal plan van opening zou dan moeten worden gemaakt na overleg met het Hoofd van Plaatselijk Bestuur en den Regent, welk plan goedkeuring zou moeten behoeven door het Hoofd van Gewestelijk Bestuur en bekrachtiging