is toegevoegd aan uw favorieten.

Erfpachtsuitgifte op Java voordracht aan de Nederlandsch-Indische Bestuursacademie

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Voor de United Provinces of Agra and Oudh geschiedt de grondverhuur, welke na 25 jaar kan worden gevolgd door afstand in volledigen eigendom, o. m onder het beding dat binnen 2, 5, 10 en 15 jaar respectievelijk V5, 2/j en de geheele belastbare uitgestrektheid in cultuur moet zijn gebracht '). Als belastbare uitgestrektheid wordt aangenomen de totale uitgestrektheid van den grond verminderd met de grootte van het onbeplantbare gedeelte en met V4 van de beplantbare uitgestrektheid.

In Bombay moet na afloop van het o°, 10®, 15°, en 20p jaar respectievelijk */4, 3/» en het totaal van de beplantbare uitgestrektheid der uitgegeven gronden zijn ontgonnen 2) In Burma binnen 12 jaar minstens "/, van den uitgegeven grond 3).

Aanvankelijk scheen het of ook in onze Indische agrarische wetgeving aan de gronduitgifte ten behoeve van het grootlandbouwbedrijf eene beplantingsvoorwaarde zou worden vastgeknoopt. Volgens artikel 27 der z.g.n. Cultuurwet van Minister Fransen van de Putte zou bij de bijzondere voorwaarden tot de uitgifte van ieder perceel betrekkelijk, de tijd worden bepaald binnen welken de grond geheel of gedeeltelijk in cultuur moet zijn gebracht.

Het wetsontwerp van Minister Trakkanen hield in artikel 14 de restrictie in, dat de erfpacht vervalt, wanneer bij den aanvang van het 10e jaar na de uitgifte der gronden nog geen vierde gedeelte der uitgestrektheid is ontgonnen.

De motieven op grond waarvan het stellen van een dergelijke voorwaarde niet noodig noch wenschelijk zou zijn, kregen echter de overhand: De erfpachters hebben geen beplantingsbeding te hunnen laste gekregen.

') Zie Idem pag. 83 sub 12.

2) Zie „Rules for the lease or sale of waste lands in India" Calutta 1904 pag. 30 sub IY—VIII.

3) Zie Idem pag. 174 sub 27.