is toegevoegd aan uw favorieten.

De varianten van Vondel's Palamedes

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Een kleine verduidelijking ten slotte vinden we aangebracht in regel 12 van den beroemden Klinckert. De laatste terzien luidt:

1625.

Tot dat de schemering des dage-

[raeds ontloocken, D'ancxvalligheyd verdreef van

['t naer, en ijsslijck spoocken, En vond de vaderbeuls door 't [knaegen afgemat.

1652.

Tot dat het schemerlicht, in 'toosten opgeloocken, d'Angstvalligheit verdreef van 't

[naer en ijslijck spoocken, De vadermoorders vondt van ['t knaegen afgemat.

Immers — het licht is het dat de visioenen verjaagt!

Merkten we in het voorafgaande meermalen op, dat „de reflexie het won op de aanschouwelijkheid" — er zijn daarentegen ook wel plaatsen aan te wijzen, waar Vondel er blijkbaar naar getracht heeft, zich later plastischer uit te drukken. Waar er een vast grammaticabeginsel in het spel was, daar wordt dit — zooals we nu wel genoegzaam hebben aangetoond — doorgedreven. Maar waar nu eens géén spraakkunst Vondel van de wijs brengt, daar kunnen we ontwijfelbaar een streven naar aanschouwelijkheid opmerken. Het spreekt vanzelf, dat met dergelijke wijzigingen ten nauwste samenhangt het verbeteren van de beeldspraak (verbeteren natuurlijk gebruikt vanuit V's standpunt. Wij kunnen nog wel eens meenen, dat zoo'n verbetering dien naam niet verdient!). Eenige wijzigingen, getuigend van streven naar aanschouwelijkheid; én eenige veranderingen, die eene verbetering in de beeldspraak bedoelden, mogen hier kortelijks besproken worden.

Dat Palamedes het gezag van priesters in wereldlijke zaken niet wil dulden, kan Kalchas niet velen, niet „verkroppen". Dit „dat kan hij niet verkroppen", drukt Vondel uit met (regel 545).

Dit leyd hem in den krop — eene beeldspraak, die in 1652 ontegenzeglijk nog verbeterd wordt. Vondel schrijft dan nl.: Dit steeckt hem in den krop.

„Gebruik uwe wapenen toch liever om den vijand dan om elkander