is toegevoegd aan uw favorieten.

De varianten van Vondel's Palamedes

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Echter, ik zeide het reeds, ook anderszins „stileert" Vondel zijne verzen, maakt hij ze sierlijker. Stileeren gebruik ik hier in den tegenwoordigen zin, waaraan de bijgedachte van onnatuur 1) onbrekelijk is verbonden. Van echt stileeren, d. w. z. de eigenheid verhoogen van den stijl, (die volgens het juiste Fransche spreekwoord „den mensch" zelf is) is hier géén sprake.

Meermalen wordt het possessief pronomen bij een lichaamsdeel door het lidwoord vervangen; een stijlfraaiheid, die we nog dagelijks kunnen waarnemen. „Hij trok zich de haren uit het hoofd" klinkt

nóg, voor óns, een klein beetje sierlijker dan „Hij trokharen

uit zijn hoofd"!

Vooral weer — en dat is meermalen 't geval bij den Pal. van 1625 — wanneer dat sijn meer dan eens in een paar regels voorkwam, verdwijnt het 2). Maar bij één plaats, waar dit voornmw. door het lidwoord wordt vervangen, wil ik even stilstaan. N.l. Klinckdicht regel 5:

1625. 1652.

'T en leed geen seven jaer of Pala- Het leedt geen zeven jaer, of Pala-

[medes schaeu, [medes schaeu

Bij nacht, de tenten ging der Rech- Ging 's nachts de tenten van zijn [teren doorwaeren: [rechteren doorwaeren,

Die resen op verbaest met opge-

[resene hayren, En sagen daer een' schim mishan-

[delt blond en blaeu. Sijn baerd hing dick van bloed: [sijn' keel was schor, en flaeu.

Die, rijzende verbaest met opge-

[reze haeren, Een schim vernamen, straf mishan-

[delt, blont en blaeu. De baert hing dick van bloet; de [keel ging schor, en flaeu.

De schemerachtige onbepaaldheid, door dit de teweeggebracht, doet een uitmuntende werking. Is het toeval? D.w.z. wilde V. in 't algemeen het bezitt. voornw. wegwerken, en ontstond nu,

1) Men denke aan: „een gestileerde bloem" e. d. g.

2) Vgl. de plaatsen in de noot op de vor. blz. genoemd, b.v. 399, 1888 e.a.