is toegevoegd aan uw favorieten.

Zielsverwanten

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hij moet daarvoor niet werken, maar zich opofferen, zijn tijd, zijn opvattingen, zijn geheele manier van zijn, en dat is hem niet mogelijk. Hoe langer ik over dit alles denk, hoe beter ik het voel en hoe sterker ook mijn verlangen wordt hem bij ons te zien.

Het is heel mooi en lief van je, zeide Charlotte, dat je met zooveel deelneming aan het lot van je vriend denkt, maar sta mij toe je uit te noodigen ook aan jezelf, ook aan óns te denken.

Dat heb ik gedaan, antwoordde Eduard. Wij kunnen ons van zijn aanwezigheid slechts voordeel en genot beloven. Van de kosten, die in elk geval, wanneer hij bij ons intrekt, gering zijn, wil ik niet spreken; vooral niet wanneer ik daarbij bedenk, dat zijn tegenwoordigheid ons niet den minsten last veroorzaakt. Hij kan in den rechter vleugel van het kasteel wonen, al het andere komt vanzelf terecht. Hoe prachtig is hij daarmee niet geholpen, en hoeveel genot, ja hoeveel voordeel zullen wij niet putten uit zijn omgang. Ik had reeds lang een opmeting van het landgoed en zijn omgeving gewenscht; hij zal haar uitvoeren en leiden. Het is je plan om in de toekomst onze bezittingen zelf te beheeren, zoodra de termijnen der tegenwoordige pachters zijn afgeloopen. Zoo iets is bedenkelijk! Kan hij ons nu niet helpen aan de noodige voorbereidende kennis? Ik voel maar al te zeer dat een dergelijk man mij ontbreekt. De boeren hebben de vereischte kennis, maar hun mededeelingen zijn verward en oneerlijk. De gestudeerden uit dc stad en van de academies zijn wel helder en nauwgezet, maar hun ontbreekt het weer aan onmiddellijk inzicht in een kwestie. Van mijn vriend kan ik evenwel beide verwachten; en dan vloeien er nog honderd andere verhoudingen uit voort, die ik mij alle graag voorstel, die ook op jou betrekking hebben en waarvan ik veel goeds verwacht. En nu dank ik je dat je mij zoo welwillend hebt aangehoord, spreek jij nu ook vrij-uit en uitvoerig en zeg al wat je te zeggen hebt; ik zal je niet in de rede vallen.

Uitstekend, antwoordde Charlotte; dan zal ik maar dade-