Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

worden overgebracht naar een Rijksopvoedingsgesticht.

Weinig directeuren zullen er op aandringen jongens naar Rijksopvoedingsgestichten over te brengen maar, zooals de heer Iemhoff terecht opmerkte, is het terugnemen van jongens in het eigen gesticht gelijk met het verdriet en de zorg in huis halen. Het terugbrengen van jongens uit de maatschappij in het moedergesticht is alleen dan mogelijk, wanneer in het eigen gesticht aanwezig is een afzonderlijke afdeeling als strafgesticht, waar dergelijke jongens, afgescheiden van de jongens die wij gewoon zijn op te voeden voor korter of langer tijd krijgen wat zij noodig hebben.

De moeilijkheid, welke de heer Iemhoff ziet, zal minder groot voor hem worden, zoodra de door hem beheerde stichting van grooten omvang is dat met de genoemde bezwaren rekening kan worden gehouden; in afwachting zal wegzending of intrekking van opdracht de eenige uitweg zijn.

De heer Snoeck Henkemans heeft er op gewezen, dat er behalve Regeerings- en Voogdijkinderen nog gewone kinderen zijn.

Bij het opstellen mijner inleiding heb ik terdege rekening gehouden met die groep van kinderen. Ik heb mij afgevraagd, of de Bond tot Kinderbescherming uitsluitend het oog had op de verwaarloosde en misdadige jeugd, of dat in zijne bedoeling zou liggen ook over de gewone jongens en meisjes te spreken. Een antwoord daarop bracht nimmer moeilijkheden, omdat ik niet geloof dat er een misdadige jeugd bestaat in den zin, zooals men zoo menigmaal in de couranten vermeld vindt. Het mag een hobby van den directeur van „Hoenderloo" zijn, toch vrees ik geen tegenspraak door te zeggen, dat onder ons niet één is die beter is dan één van de jongens, die aan mijne zorgen worden toevertrouwd.

Prof. S i m o n s vraagt: het bestaan van niet-abnormale kinderen, in grooten getalen, neemt u aan ?

Het aantal niet-abnormale kinderen, een gelukkig gekozen woord, is ongetwijfeld groot en daarom heb ik de psychopathen en zwakzinnigen, als behoorende niet thuis in de

Sluiten