Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ten Westen en ten Noorden: door de rechte lijn van laatst genoemden Rijksgrenspaal naar het snijpunt van de grens der provincie Overijssel met de as van de ijzeren spoorwegbrug over den IJssel, nabij Lippen buurt, en door de rechte lijn van laatstgenoemd punt naar den bovengenoemden Rijksgrenspaal n°. 182;

worden voor een tijdvak van zes jaren, te rekenen van den dag van het in werking treden dezer Wet, aangewezen voor het opsporen van delfstoffen van Staatswege.

Artikel 2.

Het is aan anderen dan den Staat verboden, binnen het in het vorige artikel genoemde tijdvak in het in dat artikel omschreven terrein delfstoffen op te sporen, tenzij daartoe vergunning van Onzen Minister van Waterstaat, Handel en Nijverheid is verkregen, welke vergunning evenwel niet zal mogen worden verleend voor het opsporen van steen- en bruinkool, steenzout en kalizouten.

Artikel 3.

Het verbod in het vorige artikel vervat is niet van toepassing op opsporingen van delfstoffen, welke na de afkondiging van deze Wet plaats hebben als voortzetting van werkzaamheden in het veld, aangevangen vóór ] Januari 1903, mits dienaangaande, door hem, door wien of voor wiens rekening de opsporingen geschieden, binnen ééne maand na het in werking treden dezer Wet, mededeeling wordt gedaan aan Onzen Minister van Waterstaat, Handel en Nijverheid, onder nauwkeurige vermelding van de plaats waar de opsporingen geschieden en het tijdstip waarop daarmede is aangevangen.

Sluiten