Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Aangezien de Rus — zelfs de ontwikkelde — geene scheiding van Kerk en Staat kent, en zich te nauwernood kan voorstellen dat een buitenlander hetGrieksch-orthodoxe geloof zou kunnen aannemen zonder tegelijkertijd Russisch onderdaan te woi den, ziet hij, in het algemeen gesproken, bij de thans heerschende meening, in de komst van eiken vreemdeling in zekeren zin een gevaar voor Rusland, voor den Tsaar en voor zich zelf. Slechts in het voorbijgaan behoeft te worden opgemerkt dat hij de vele lasterlijke geruchten, omtrent hem en zijn land verspreid, niet meer zooals vroeger met medelijden voor zichzelf, maar met verontwaardiging aanhoort; dat het zijnen toorn wekt als de Berlijnsche speculatie hem willens en wetens financieele schade berokkent; dat het zijne eigenliefde gevoelig kwetst indien de vreemdeling in Rusland zich minachtend over het land en het volk uitlaat, en dat hij met naijver ziet dat buitenlanders in Rusland meer geld verdienen dan waartoe hij zich zelf in staat gevoelt. De oorzaken liggen dieper dan dit alles. Gelijk gezegd, wortelen zij in het besef dat uit zelfbehoud de uitsluiting van den vreemdeling noodzakelijk is.

Zonder thans uit te weiden over de vraag of dit besef, van een onpartijdig standpunt beoordeeld, op goede gronden rust of niet, zij het voldoende te zeggen dat daaruit eene weinig welwillende houding tegenover den vreemdeling is ontstaan. Het heeft o. a. gemaakt dat de regeering heeft opgehouden aan buitenlandsche specialiteiten op industrieel gebied voorrechten te verleenen, dat het verkrijgen der Russische nationaliteit bemoeilijkt wordt, en men aan buitenlanders eerst tien jaren nadat zij Russische onderdanen zijn geworden, dezelfde rechten wil toekennen als aan de Russen, dat een blad (de Sivet) betoogt, dat men zich vertrouwd maken moet met de gedachte, dat buitenlanders, vooral Duitschers, niet in Rusland behooren te worden geduld, dat er herhaaldelijk in de dagbladen de aandacht op gevestigd wordt, dat fabrieksdirecteuren, voorname handelaars, doctoren, apothekers, rechtsgeleerden, groote winkeliers in de gioote steden, en

Sluiten