Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Van Koedoem tot het naast bijgelegen poststation Roestamabad is een afstand van zes farsachs. De rit biedt, wat natuurschoon betreft, veel afwisseling aan. Het duurt niet lang of men komt uit de wouden in eene vlakte, met weidegronden. In de verte ligt een heuvel met het graf van een Mohamedaanschen heilige. Wat verder ontmoet men eene karavanserai, in den stijl van den tijd van Schah Abbas I, die thans niet meer word gebruikt en in puin valt.

Spoedig gaat het berg op. Het pad is in den zomer uiterst stoffig, in den winter zakt het lastdier tot aan de knieën in de modder. De smalle weg maakt het noodzakelijk dat, indien men eene karavaan ontmoet, men halt moet houden. Nu en dan bespeurt men reeds afgronden, en tegelijkertijd ook het ruischen van den Sefidroed (de witte rivier). Men zal haar op den weg nog verschillende malen door te waden hebben, doeh eerst moet men het pad af, aan den zuidelijken kant van den berg. De Sefidroed vervolgt met een donderend geweld haren loop, het is alsof zij den reiziger schrik wil inboezemen alvorens de hoef van zijn paard hare kristalheldere wateren bezoedelt, doch diezelfde wateren vermogen niet haren ondiepen bodem te verbergen, en men trekt er door, hoe ook de golven tegen de zijden van het paard mogen slaan. Dit laatste kent zijn weg, en ofschoon de reiziger in het eerst een gevoel van angst niet onderdrukken kan, spoedig raakt hij aan het doortrekken van de Sefidroed gewend. Nu eens ziet hij van duizelingwekkende hoogten op haar neder, dan weer besproeit zij de hoeven van zijn paard, soms verschuilt zij zich in een afgrond, op een ander oogenblik vertoont zij zich in hare geheele breedte. Zij is woest en ongeregeld als het geheele landschap aan hare beide oevers, als het pad over hetwelk de reiziger voortschrijdt, als de rotsblokken van donkere kleur die hem hier en daar noodzaken eenen omweg te maken, als de puntige getande, met sneeuw bedekte en in de zon schitterende bergruggen, die het geheele natuurtooneel omlijsten.

Roestemabad ligt aan de helling van eenen berg. Van het

Sluiten