Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

D E VLA G.

Peking, Januari i8g8

Rood, wit en blauw!, Gij Nederlanders in den vreemde vergeet uwe kleuren natuurlijk niet.

Doch, geeft gij er uzelven ook steeds rekenschap van dat hare doordringende kracht thans veel sterker is dan toen gij nog tehuis waart?

Zeker! uw verwijtende blik was gerechtvaardigd op dien morgen van Koninginnedag, toen uwe huisgenooten niet vroeg genoeg de vlag hadden uitgestoken.

Doch, dat ééne doek minder deed geen afbreuk aan den algemeenen feestdos.

Thans is elke Hollandsche vlag u eene dierbare vermaning tot gehechtheid, een hartelijke groet.

Gij hebt Holland's duin zien verdwijnen aan den gezichtseinder.

Ontbreekt uwe vlag, gij verwijt niet; is zij er, dan wordt u eer bewezen.

En steeds zoekt gij haar.

Onlangs, op dat internationale feest, waar men uwe driekleur vergeten had, hebt gij de „tricolore" in uwe gedachte horizontaal geplaatst.

Een ander maal hebt gij u getroost met de vlag van Peter den Groote, door haar onderst rood — het uwe! — bovenaan te denken.

In elke buitenlandsche haven speurt gij naar uwe vlag, en als de vreemdeling eene andere voor de uwe houdt, dan verbetert gij niet altijd terstond zijne dwaling.

Sluiten