Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voorkeur moeten worden gegeven. Indien zich van deze categorie meer geschikten aanmelden, dan totaal voor de aanneming bij het wapen noodig zijn, zal een rangschikkingsexamen moeten gehouden worden met dezelfde eischen, als die gesteld zijn voor aanstelling tot milicien-sergeant. Hieraan kan worden deelgenomen door allen, die hebben voldaan aan de eischen voor aanneming, genoemd in Bijlage II, of die daarvan zijn vrijgesteld. Voor vrijwilligers zal het rangschikkingsexamen omvatten de eischen voor aanneming genoemd in Bijlage II.

Dit examen zal tevens de indeeling kunnen beïnvloeden voor wat de voorkeur voor de wapens betreft.

Op de aanneming ten behoeve van de aanvulling der hier niet genoemde groepen wordt, voor zoover noodig, in de betreffende hoofdstukken teruggekomen.

Eerste dienstverband.

§ 26. Het eerste dienstverband moet, met het oog op de kosten aan de opleiding besteed, in het algemeen waarborgen, dat de aangenomene na het verlaten der kaderschool nog drie jarert aan den dienst verbonden zal zijn.

Diensvolgens zal het voor vrijwilligers op 6 jaren en voor aspiranten die reeds milicien-sergeant zijn, op 4 jaren moeten worden gesteld.

Voor nieuw aangenomen vrijwilligers is het eerste jaar van voornoemd verband als een proefjaar aan te merken, met dien verstande dat door den Minister van Oorlog na afloop van dit proefjaar het verband zal kunnen worden geëindigd, wanneer hiertoe door of voor den belanghebbende, dan wel door den korpscommandant een met redenen omkleed verzoek aan den Minister vart Oorlog wordt ingediend.

De reeds in dienst zijnde vrijwilligers zullen bij toelating tot een kaderschool met verbreking van hun loopend dienstverband, een nieuw verband van 6 jaren moeten aangaan.

Deze termijnen worden nader toegelicht.

§ 27. Indien een candidaat tweemaal niet voldoet aan het oyergangs- of het eindexamen van de kaderschool, zal zijn dienstverband kunnen worden verbroken.

Overigens moet het legerbestuur zich de bevoegdheid voorbehouden de ongeschikten of hen, die zich ernstig misdragen, in het eerste dienstverband te ontslaan met een aanzeggingstermijn van één maand.

Aanneming van vrijwilligers, niet bestemd voor aspirant-onderofficier.

§ 28. Bij de korpsen, die voor hun dienst of voor hunne opdrachten bij mobilisatie onvermijdelijk behoefte hebben aan Vrijwillig dienende korporaals en soldaten zal men het doelmatigst handelen door te trachten dit personeel uit de dienstplichtigen te verkrijgen. Bovendien zou aan personen van ongeveer 17jarigen leeftijd, die zich als vrijwilliger voor een verband van 5 jaren aanmelden, in uitzicht kunnen worden gesteld, dat zij, militieplichtig geworden, van deze plichten geheel of gedeeltelijk zullen worden vrijgesteld.

Intusschen moet, voor zooveel noodig, als aanvulling, de gelegenheid worden opengelaten tot aanneming van vrijwilligers, «*Vtf-aspirant onderofficieren.

Wat de aantallen betreft ware dit vrijwilliger-instituut tot het strikt noodige te beperken. Voor dit vrijwillig dienend personeel zal het mogelijk moeten blijven om den onderofficiersrang te bereiken. Het zou niet goed zijn dit a priori af te snijden. Wanneer dit instituut personen blijkt te bevatten, die zich door eigen inspanning en met eigen middelen de vereischte schoolkennis hebben weten eigen te maken, — wat uit een examen moet blijken — dan zal het tot de kaderscholen kunnen worden toegelaten teneinde de opleiding tot sergeant van het betrokken wapen te volgen.

Sluiten