Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1583 verklaarden zij de goederen van den huize Aremberg verbeurd »als teegen de gemeene saak dienende," en nu volgde ook spoedig de benoeming van een Drossaard met 'een lastbrief van de Staten. Deze had echter geen gemakkelijke taak, daar op het eiland nog de grootste verwarring heerschte. Uit de resolutiën der Staten van Holland blijkt dan ook dat de eene Drost na den anderen zijn ambt neerlegde.1)

Toen in 1599 de gravin van Aremberg hare goederen van de Staten terugkreeg, liet zij zich onmiddellijk op de hoogte stellen omtrent hare Heerlijkheid. Er kwamen toen wonderlijke dingen aan 't licht. Niet minder dan 80 huizen waren te West-End op haar grond gebouwd; de duinmeijer gebruikte van haar land alsof het zijn eigen was; gedurende vele jaren hadden de eilanders haar geen zoutevisch geleverd, gelijk zij verplicht waren. Het gansche verslag, dat men der Vrij vrouwe van Schellingerland voorlegde, was een groot relaas van jammerklachten.2) 't Was waarlijk geen wonder, dat zij een tegenzin in zulk een bezit kreeg. Dit werd nog versterkt, toen zij in moeilijkheden kwam met de Regeering van het eiland, die op last van de Staten, zich verzette tegen het aanbrengen van een post soldaten en van wapenen op Schellingerland.3) De dagen der aloude Heerlijkheid waren dan ook weldra geteld. In Heer Karei rijpte het plan zijne bezitting aan de Staten van Holland te verkoopen. Nadat hij zich had laten voorlichten door twee kundige mannen, die het eiland tevoren nauwkeurig hadden onder-

') Zie de Lijst van drossaards, in de bijlagen.

2) De Memorie is in het Rijksarchief.

3) Resol. St. van Holl. 14 Febr. en 12 Maart 1602.

Sluiten