Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

College-dictaat van een der studenten (Dogmatiek).

ligt het voor de hand, dat het Scheppingsverhaal onder de wijzen dier volken niet geheel onbekend is geweest.

Wanneer men die kosmogonieën dan ook leest, is in bijna alle een heel flauwe nawerking van de paradijstraditie aan te wijzen; maar speciaal bij enkele. We kunnen deze kosmogonieën dus verdeelen naar de meerdere of mindere verwantschap, die ze met het paradijsverhaal uit Genesis toonen te bezitten.

Die verwantschap nu is duidelijk aanwijsbaar bij de Perzische, Etruscische, Babylonische en Egyptische kosmogonieën.

Het sterkst bij de Perzische. De Zend-Avesta geeft van het ontstaan deidingen een zeer breed verslag. Toen daarvan nu in het laatst der vorige en in het begin dezer eeuw door de geleerden meer nota werd genomen, waren ze dadelijk gereed om te concludeeren, dat dus de Zend-Avesta het oorspronkelijke was, waaruit het paradijsverhaal had overgenomen. Voor een gewoon mensch zou dat er zoo maar niet uit volgen, aangezien de Zend-Avesta 600, en Mozes 1400 jaar voor Christus geacht wordt te hebben bestaan. Maar de autoriteit der Schrift moest nu eenmaal met alle geweld worden vernield. De Bijbel moest altijd van onechtheid worden beschuldigd. In de laatste jaren echter is het vooral Darmesteter geweest, die in zijn uit drie deelen bestaand werk van 1892 die geheele voorstelling bestreden heeft en vlak het omgekeerde aangetoond, waarmee hij zich den schrikkelijken toorn van die heeren op den hals heeft gehaald.

Vragen we nu, waarin die verwantschap bestaat.

Ook bij de Zend-Avesta is sprake van een Schepping in 6 perioden, en door Honover (het Woord). Maar in de dagen zelf is verschil. De Zend-Avesta stelt op den len dag de Schepping van hemel en licht, op den 2™ van het water, op den 3ea van de aarde, op den 46n van de boomen, op den 5en van de dieren en op den 6e" de Schepping van den mensch. En het dier is dan geschapen uit een oer-stier, en de mensch uit een oer-mensch. In dat laatste komt het heidensche inmengsel uit en blijkt, dat het gecopieërd is.

Van de Etrusciërs, die gedurende de 8e eeuw v. Chr., eer dat de Romeinen er kwamen, in het midden van Italië woonden, was vroeger zeer weinig, maar is in den laatsten tijd iets meer bekend. Ook bij hen vinden we 6 perioden, en wel elk van 1000 jaar. In de le periode viel dan de Schepping van hemel en aarde, in de 2e die van het uitspansel, in de 3e die van het water, in de 4e die van zon, maan en sterren, in de 5e die van de dieren, in de 6e die van den mensch. Nu is het de vraag, of we in deze berichten der Etrusciërs niet te doen hebben met interpolatie. We hebben ze uit de

Sluiten