Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maar dit standpunt bewaart dan ook voor teleurstelling. Voor die bittere teleurstelling n. 1. der wereld, dat op grond van een verkeerd beginsel de uitkomst faalt. Uit God levende, en in zijn verborgen gemeenschap wandelende, vinden zij voldoening voor 't gemoed en worden hunne harten en zinnen bewaard bij den vrede, die in Christus is.

Waarlijk, ook hun weg is niet zonder tegenspoeden. Vele zelfs zijn ze, de rampen der vromen. Maar dan zal wederom hun rijkdom boven de wereld uitblinken. Geen wanhoopskreet komt in de wegen die tegen vleesch en bloed zijn op de lip van Gods kind, als hij 'nabij God is. Want is het beginsel zijns levens uit God, dan heeft hij ook dienzelfden God als het rustpunt van zijn vertrouwen in alle ongeneugt en tegenheên. Het vertrouwen, het geloof, n. 1. dat alle dingen moeten medewerken ten goede dengenen, die God liefhebben.

Ja meer; hun druk, hun tranen — de vromen worden er niet minder door. Ze groeien er door in het geloof, en in de hoop en in de liefde. Ze worden er rijper door voor den hemel. Ze verliezen er al meer zich zelf door, en vinden zich te meer in Christus terug. Onder God komende, groeien ze er door in God. Dat is de ervaring geweest van alle vromen. Die ervaring wenschen we u te schetsen, zooals die daar treffend in den man Mozes is geteekend, en tot een hemelsche les en vertroosting voor al de pelgrims naar het Kanaan, dat Boven ligt, in Gods heilige Schriftuur is bewaard geworden.

Opdat zij tegenover de wanhoopskreet der wereld, in al hunne wegen en verdrukkingen, op hun lip het lied nemen:

Doch gij, mijn ziel, het ga zoo 't wil,

Stel u gerust, zwijg Gode stil.

Ik wacht op Hem, zijn hulp zal blijken.

Hij is mijn rots, mijn heil in nood,

Mijn hoog vertrek; zijn macht is groot:

Ik zal noch wank'len, noch bezwijken.

Zingen we aldus uit Ps. 62 :4.

Aan de grenzen van Kanaan gekomen, verhaalt Mozes aan Israël den weg des Heeren met het volk en met hem. Diep treffend is de bladzijde, waaruit ons tekstwoord is genomen. Als hij verhaalt, hoe een van zijn innigste en hoogste wenschen was, dat hij met dat volk mocht mede overtrekken over de Jordaan en ingaan in dat lang begeerde en van God beloofde Kanaan; dan, ach! onder de weerspannigheid van het volk te Kades, was ook Mozes zichzelf niet meer meester

Sluiten