Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

niets wist van onze bouwstoffen der hemellichamen, want wat zou dat licht ons nu daaromtrent kunnen leeren. Eerst sedert de invoering der zoo beroemd geworden spectraalanalyse door Bunsen en Kirchhoff, ongeveer in het midden der vorige eeuw, heeft men stelselmatig onze hemellichamen aan een „chemische analyse" kunnen onderwerpen.

Alvorens tot de bespreking van deze soort van analyse en de verkregen resultaten over te gaan, moeten we iets over het licht vermelden want dat is toch wat van de hemellichamen tot ons komt.

Wij weten dat het licht trillingen zijn van eene stof die overal is ook buiten onze atmosfeer in de oneindige ruimte en die wij ether noemen. Deze golvingen nu van den ether kunnen verschillend groot zijn en daardoor zich doen kennen als stralende warmte, licht, electriciteit (b.v. draadlooze telegraphie). Isaac Newton (1642 — 1726) was nu wel de eerste die een duidelijk idee had over het licht; dit was in de laatste helft der 17° eeuw. Hij bekeek verschillend gekleurde papiertjes door een prisma van glas en zag deze papiertjes verschillend verschoven en nu besloot hij daaruit dat de verschillende kleuren ook verschillend breekbaar zijn. Daarna liet hij zonlicht

Sluiten