Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vriendelijk huisje door uw zorgende hand een lust der oogen, gij, heerschend door liefde, met een lach en een wenk! Schoon gemak en genot uw woning meden, rijk waart gij beiden in elkanders liefde en geluk; schoon uw kinderen slechts 't onmisbare kregen, toch genoten zij overvloed van moederlijke teederheid en vaderlijke zorg!

Ach, geen kindersmeekgebed mocht Moeder behouden, noch kon Vaders zuchten en bidden 't vreeselijke lot van u weren. In uitputtende liefde en zorg bleeft gij voortgaan, ook toen de kracht u begaf, ook toen reeds lang de blos der gezondheid geweken is; ook toen benauwende hoest u kwelde. Gij waandet: 't zou beteren; 't werd erger. Gij hooptet herstel; na maanden steeds grooter verzwakking, in twijfel en angst voerend den hooploozen strijd.

Een man in 't zwart, snikkend om verloren geluk, gebogen, gebroken!

Weesjes in rouw, verstard de blijde lach, verdoft het heldere oog, zoekend de Liefste, die — afgetobd — ter eeuwige ruste werd gelegd.

En schoon een zonnestraal speelde door 't weer opene venster, nimmer keerde in 't klein huiske het levensgeluk van weleer !

Mijn Vader! Nog zie ik U 's avonds huiswaarts keeren na vermoeiende dagtaak. Hoe wij allen een wedloop hielden, wie 't eerst bij Vader zou zijn! En ieder op zijn beurt gaf verslag van den dag: Wat was er op school geleerd? Wat was er gespeeld? Wie had gewonnen of verloren? Guitenstreek en deugnieterij werden eerlijk opgebiecht, maar liefst van broertje of zusje! Foei ! gij stouterd ! knorde Vader. Maar tegen wie ? 't Klein zusje, nog zwak op de beentjes, reed huiswaarts op Vaders hoogen schouder. En 't tweede, klein Jantje, stapte mee aan Vaders hand. Moeder wachtte met het eenvoudige, doch heerlijke avondeten en de heele familie schaarde zich om de ronde tafel. Heerlijk beeld van stil, huiselijk geluk, oneindig schooner en hooger dan alle andere genoegens.

Waarom, o waarom toch werd dat geluk ons verwoest, reeds zoo vroeg en voor altijd ? Kon het zijn, dat de sterke bezweek, dat de moedige, arbeidslustige, als verlamd en ver-

Sluiten