Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kwaad heeft gedaan en om te trachten hem te verbeteren.

Om dit tweeledig doel te bereiken, zal de behandeling in de Tuchtscholen ook een tweeledig karakter vertoonen en wel (volgens de Memorie van Toelichting bij het wetsontwerp, waarbij de gelden voor den bouw werden aangevraagd) het karakter van vreesinboezeming en van aanmoediging.

Dat met ernst zal worden gepoogd dit tweeledig karakter te doen uitkomen, blijkt uit de zorgvuldige en uitvoerige wijze, waarop het bestuur, de inrichting en de leefwijze bij de Tuchtscholen geregeld zijn.

Er zijn 4 Tuchtscholen voor jongens, te Ginneken, Vetet^n", Htt^en (bij Groningen) en Nijmegen; en één voor meisjes, te Montfoort. (Art. 1 K. B. 209.)

Het onderwijs, de verzorging en de voeding zullen zeer zorgvuldig zijn. Volgens bovengenoemde Memorie van Toelichting zullen, onder Algemeen toezicht van het Algemeen College en onder toezicht eener bijzondere commissie, voor een bevolking van ongeveer 50 gestraften, werkzaam zijn een directeur, 4 onderwijzers, één of twee werkmeesters, een tuinman-portier en twee werkvrouwen, terwijl bovendien iedere Tuchtschool verzekerd is van de geregelde hulp van een geneeskundige en van bedienaren der in Nederland meest beleden godsdiensten. (Art. 5 G. W. Arten 4—42 en 58—70 K.B. 209.)

Deze uitnemende verpleging gaat echter gepaard met groote gestrengheid, die bevorderd wordt door des nachts alle verpleegden onderling af te zonderen en door een indeeling der verpleegden in 4 klassen.

De eerste klasse is bestemd voor opneming van alle nieuw inkomenden. De tijd, gedurende welken zij tot deze klasse behooren, wordt door de verpleegden in afzondering doorgebracht, waartoe een klein vertrek, verbonden met een stukje open grond, voor hen beschikbaar is. Zij, wier straftijd niet meer bedraagt dan een maand, brengen dien in den regel geheel in deze klasse door. Het is blijkbaar deze bepaling, die het benoemen van een zoo groot aantal

3

Sluiten