Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

S.&J. N°. 94.

VIJFDE AANVULLING

DKR

WET

houdende regeling betreffende woonwagens en woonschepen.

Wet van den 11 den Mei 1923, S. 198, tot wijziging van de artikelen 8 en 35 van de Wet op Woonwagens en Woonschepen 1918 (,Staatsblad n°. 492), zooals die laatstelijk is gewijzigd bij de wet van 22 April 1921 (Staatsblad n°. 661).

Zie betreffende deze wet :

Bijl. Hand. 2° Kamer 1922/23, n°. 362, 1—6.

Hand. id. 1922/23, bladz. 1814.

Hand. le Kamer 1922/23, bladz. 638, 803, 814.

Wij WILHELMINA, enz. .. . doen te weten :

Alzoo Wij in overweging genomen hebben, dat wijziging van de artikelen 8 en 35 van de Wet op Woonwagens en Woonschepen 1918 (Staatsblad n°. 492), zooals die laatstelijk is gewijzigd bij de wet van 22 April 1921 (Staatsblad n°. 661), noodzakelijk is ;

Zoo is het, dat Wij, den Raad van State, enz.

Art. 1. In artikel 8 van voornoemde wet wordt in plaats van „drie jaren na den dag, waarop zij is verleend" gelezen : „drie jaren na den dag, waarop zij is verleend, 'doch in elk geval niet eerder dan op 1 Februari 1925".

2. In artikel 35, derde lid, van voornoemde wet wordt in plaats van „en anders tot Februari 1923" gelezen : „en anders tot 1 Februari 1925".

Lasten en bevelen, enz.

Gegeven ten Paleize het Loo, den llden Mei 1923.

WILHELMINA. De Minister van Justitie, Heehskerk. De Min. van Arbeid, Handel en Nijverheid, Aaibebse.

(Uitgeg. 24 Mei 1923.)

Sluiten