Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

S. & J. N°. 47. 6e druk.

TWEEDE AANVULLING

DKli

MERKENWET

Wet van den 4den December 1920, S. 849, houdende wijziging der Merkenwet.

Zie betreffende deze wet :

Bijl. Hand. 2e Kamer ]919/20, n°. 482, 1—3; 1920/21 n°. 98, 1.

Hand. id. 1920/21 bladz. 311.

Hand. le Kamer 1920/21 bladz. 93, 96.

Wij WILHELMINA, enz. . .. doen te weten:

Alzoo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenschelijk is, het tarief, bedoeld in artikel 4, vierde lid der Merkenwet te verhoogen, alsmede artikel 17 dier wet nader te wijzigen ;

Zoo is het, dat Wij, den Baad van State, enz.

Art. 1. Het in artikel 4, vierde lid der Merkenwet, voorkomende „tien" wordt vervangen door „dertig".

2. Aan artikel 17, derde lid, dier wet, wordt een tweede volzin toegevoegd, luidende :

„Is voor het verstrekken van eene zoodanige inlichting een nader onderzoek noodig. dan is een bedrag van drie gulden verschuldigd."

3. Deze wet treedt in werking met ingang van den dag na dien harer afkondiging.

Lasten en bevelen, enz.

Gegeven te 's-Gravenhage, den 4den December 1920.

WILHELMINA. De Min. van Landbouw, Nijverheid en IIanpel.

H. A van ijsselsteijn.

De Minister van Justitie, Heemskerk.

De Minister van Koloniën, de Graaff.

(Uitgeg. 10 Jan. 1921.)

Sluiten