Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

is te veel in gebeurd, want Gij hebt niet alleen persoonlijk voor u zeiven eene rijke geschiedenis achter u, maar Gij hebt de geschiedenis van uw leven door uw woord en uw daad ook rijk voor anderen, voor heel ons volk gemaakt. De laatste veertig jaren van de geschiedenis van ons land, in kerk en staat en maatschappij, in pers en school en wetenschap, is niet te schrijven, zonder op bladzijde na bladzijde uw naam te vermelden. Gij hebt wijd en breed om U heen gegrepen in het leven van ons volk. Maar waar wij U, of liever, waar wij op dezen dag God met U voor danken willen, dat vat ik kortelijk in drie bijzonderheden samen, welke ik persoonlijk, welke al Uwe geestverwanten in U hoogschatten en die ook buiten dezen kring oprechte waardeering hebben opgewekt.

In de eerste plaats reken ik daartoe de beslistheid en vastheid van uwe geloofsovertuiging. Ik herinner het mij nog levendig, hoe uw optreden op den lOden November van het jaar 1867 met de belijdenis van de menschwording Gods als het levensbeginsel der kerk in de kringen van ons vrome volk met stillen dank aan God werd begroet. Wat toen het hart der eenvoudigen met blijdschap vervulde, het was, dat er in eene van de voornaamste steden van ons land weer een man was opgestaan, die klaar en onomwonden voor het woord Gods, voor de centrale feiten en waarheden van het Christendom, voor de belijdenis der vaderen uitkwam. Sedert dien dag zijn de tijden veranderd, en gij en wij met hen. Maar daar is toch ééne rechte lijn, die door heel uw leven loopt. De belijdenis van ons algemeen ongetwijfeld Christelijk geloof is nog de grondslag voor uw voet. het rustpunt voor uw hart, de leiddraad voor uw hand, de drijfkracht van uw streven. En door die zekerheid van uw geloof, hebt gij rondom U heen in breeden kring veler knie weer vast, veler hand weer vaardig gemaakt en talloos velen voor struikelen en vallen behoed.

Sluiten