Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Op dit oogenblik herdacht hij een gelijksoortige feestviering; dit was op 21 Aug. 1871, toen Mr. Groen van Prinsterer den 70jarigen leeftijd bereikt had. Deze feestviering was echter van den meest eenvoudigen aard.

Nauwelijks een dozijn heeren boden hem in zijne woning een artistiek voorwerp aan, en door het land meldde nauwelijks een zwak geluid hoe merkwaardig het was, dat zulk een man ons door God gespaard was. Nu bekroop Spr. een gevoel van schaamte wanneer hij zag, dat, nu hem hetzelfde voorrecht te beurt viel, alles zoo geheel anders blijkt te zijn.

Thans is er een deelname uit alle oorden des lands en een sympathie, dat het is of Nederland nu eerst wakker is geworden; en wie voelt als ik, zeide Spr., hoe ik zelf hoogstens ben geweest een planeet die, omdat zij dichter bij de aarde stond, door meerderen gezien werd dan Groen van Prinsterer, die de poolster was hoog daarboven, — die voelt, dat wat mij te beurt valt, iets is waarop hij alleen recht zou hebben gehad, en wat ik alleen als zijn leerling en zijn opvolger mag aannemen.

Spr. betoogde vervolgens, dat de vergelijking tusschen die beide 70-jarige gedenkdagen ons een machtig werk Gods vertoont. Groen van Prinsterer heeft de groote gas-accumulator in gereedheid gebracht, maar hij heeft niet de leidingen naar de woningen gebracht en kon dus niet ontsteken de lichten waartoe hij de stof bereid had. Dit werk is in de afgeloopen jaren geschied. Spr. gevoelde het gevaar, dat er voor hem is gelegen in de rijke uiting van sympathie op dit oogenblik.

Immers, indien het bloed zijner ziel niet verslapt is, dan dankt hij dit aan zijne tegenstanders, die met goede zorgen dag aan dag hem de druppels staal hebben toegediend.

Maar nu was deze dag er een, die hem bijna deed vragen: heb ik mijn leven niet verbrokkeld ? Wanneer er zoo van alle

Sluiten