Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geschonken werden aan Dr. Kuyper, wien het gegeven werd, nu reeds meer dan veertig jaren met steeds onverflauwden ijver, met ongebroken kracht, met hoogen moed het pleit te voeren voor de handhaving van den invloed der Chr. beginselen op ons volksleven.

En waar Boaz staat buiten het eigenlijke politieke leven en haar roeping ligt op sociaal terrein, daar willen we hier inzonderheid de betuiging geven onzer diepe erkentelijkheid jegens den man, die meer dan iemand anders deed om ons volk los te rukken uit zijn onaandoenlijkheid jegens het sociale vraagstuk; die in zijn „Het Sociale Vraagstuk en de Christelijke Religie" op zoo geheel eenige wijze de lijnen uitstippelde, langs welke onze sociale actie zich moet bewegen; die oog heeft voor de nooden van den arbeidersstand, maar ook zijn machtigen steun leent aan de behartiging van de belangen van den middenstand; jegens den organisator van het Sociaal Congres van 1891, van welks arbeid ook het ontstaan van Boaz de vrucht was.

Kuyper — een groot man, die wij Nederlanders, gerust mogen plaatsen naast Jhe grand old man", Gladstone, Engelands grooten staatsman.

Welk een overeenkomst.

Beiden Christen-Staatslieden.

Beiden hun kracht vindende in de overtuiging, door God geroepen te zijn tot hun arbeid en dat ze gedragen worden door het gebed van duizenden, wat Gladstone in het gewichtigste jaar van zijn politiek leven in zijn dagboek deed schrijven: „Menig gebed is voor mij opgegaan en ik geloof niet tevergeefs."

Voor beiden dit het fundamenteele in ieders leven, dat „zijn politiek leven was een deel van zijn godsdienstig leven zooals Morley, Gladstone's biograaf, van zijn vriend zegt.

Beiden in het groote vraagstuk van het volksonderwijs

6

Sluiten