Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

eerzucht in hun baantjesjagerij; een transponeeren, van heel Kuyper, drie octaven lager tot den geestelijken toon van 't „Kuyperiaansche Weeshuis." De zaaier, die uitging om idealen te zaaien, had uit zijn hand de onkruidkiemen niet bedachtelijk uitgeschift. En zie, het onkruid groeide weliger dan de tarwe en toen de prediker van idealen als wetgever ging oogsten wat hij had gezaaid, geviel het dat hij niet dan onkruid oogstte: louter materialistisch gewin.

En tien jaar, nauwelijks, nadat de rector Kuyper in de Vrije Universiteit zoo schoon sprak over „Verflauwing der grenzen", zal thans de oud-minister Kuyper zich wel de vraag mogen stellen: Zijn de geestelijke grenzen van mijn groep niet reeds weer aan 't verflauwen, zijn hun idealen niet reeds aan 't verworden, heb ik, door Groens isolement te verlaten, zijn kostelijk legaat niet in de ziel getroffen, en is de schitterende machtsring dien ik voor mijzelf en voor de mijnen heb veroverd en vier jaren lang behouden, niet een noodlotsring gebleken, een Nibelungenring? Een Nibelungenring óók nog wat Dr. Kuyper's democratie belangt. De man die eenmaal zeide dat hij christen-democraat was en als christen-democraat hoopte te sterven, is ziel en leider van een Kabinet geweest welks noodlot 't was, niets christelijks en niets democratisch na te kunnen laten. Ook hierin weder overeenkomst tusschen hem en Mr. Van Houten: Als radicalen zijn zij 't politieke leven ingegaan, doch toen zij het verlieten als ministers, hadden zij, in die hoedanigheid, hoofdzakelijk het Behoud gediend. Bij Mr. Van Houten echter was dat een gevolg van wezenlijk conflict met nieuwere vormen van het radicalisme, bij Dr. Kuyper kwam 't meer voort uit de toevalligheid der politieke conjunctuur.

Wellicht is Dr. Kuyper's grootste krachtsmoment reeds weer voorbij.

Maar dan toch heeft hij, zij 't ook kort, dit zeer bijzondere,

Sluiten