is toegevoegd aan uw favorieten.

Kuyper-gedenkboek 1907

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Want weinigen zijn sterk genoeg om zonder eenige illusie voort te leven in blijmoedigheid. De wetenschap alléén is voor de meesten al te sober, al te grootsch.

Hoe komt het nu, dit bijna raadselachtige, dat een man als Dr. Kuyper, van zoo breeden, universeelen, ja genialen aanleg, prediker werd van een levensleer waarin niets nieuws was, die een hopeloozen strijd aanbond tegen wat de wetenschap al deugdelijk had veroverd, en die in de geesten waar ze vat op kreeg, noodwendig omgezet moest worden in kleingeestigheid en onverdraagzaamheid?

't Kan toeval zijn geweest, of eerzucht, of geloof — of alle drie.

Toeval. Dr. Kuyper heeft eens verhaald dat hij, studeerend aan de academie, allengs verwijderd raakte van het ouderlijk geloof totdat hij eindelijk geheel bij 'tignoramus aangeland was. Zijn vader deed toen vele pogingen — vergeefsche — om hem op den „rechten weg" terug te brengen. Eindelijk, door eigen denken weêr en door toevallige omstandigheden, kwam hij weêr tot „inkeer", 't Had dus weinig gescheeld of Dr. Kuyper ware liberaal geworden! Gelukkig voor Mr. Borgesius dat hij zoo'n concurrent naar't liberale leiderschap niet heeft gekregen.

Eerzucht. Die is bij Dr. Kuyper stellig een zeer sterke drijfkracht en daarom drukte ik straks al twijfel uit, of Dr. Kuyper de beweging die hem lief is, dient, of dat hij veeleer haar voor zijne eigene glorie dienstbaar maakt. Soms lijkt het waarlijk wel — en zijne bottere tegenstanders gelooven dat ook vast — alsof schier alles wat hij doet, geschiedt ad majorem Kuyperi gloriam. Een eerzucht die vooral gevaarlijk werd toen hij, minister zijnde, de deur van Buitenlandsche Zaken open vond en 't kabinet op t Buitenhof alleen bezet door een in zijne knuisten weerloos man. De roerigheid die hij destijds betoonde, de opspraak