Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

te beslissen, in een lijst stuk voor stuk zullen moeten worden opgesomd, althans voorzoover zij-bij de uitvoering van wetten of van ter uitvoering van wetten gegeven algemeene voorschriften kunnen rijzen. Ten opzichte van twistgedingen, die kunnen ontstaan bij de toepassing of door niet-uitvoering van de tallooze, onophoudelijk veranderende provinciale, gemeente- en waterschapsreglementen en -verordeningen, moet noodgedwongen wel met eene algemeene formule worden volstaan.

Het indienen van een klacht bij den administratieven rechter zal alleen kunnen geschieden op grond, dat door eene gedraging van eenig openbaar bestuur of ambtenaar een den klager (die zoowel natuurlijk als rechtspersoon kan zijn dan wel eene openbare instelling) volgens wet of verordening toekomend recht is geschonden of hem in strijd met wet of verordening eenige bevoegdheid ontzegd of eenige verplichting is opgelegd. Er kan echter geen bedenking tegen bestaan, dat in bijzondere gevallen uitzondering worde gemaakt op dezen regel; met name behoort daar waar controle van het publiek op de handelingen der uitvoerende macht wenschelijk is, zooals bijv. ter zake van de samenstelling van kiezerslijsten, het recht van klacht aan een ieder gegeven te worden.

Ten aanzien van de vraag aan wien de administratieve rechtspraak zal zijn op te dragen, merkt de commissie op, dat tegen een opdracht aan den gewonen rechter zich in de eerste plaats verzet de omslachtigheid en kostbaarheid van de gewone burgerlijke procedure, maar bovendien de overweging, dat voor geschillen als deze een rechtsgang in vier of vijf instanties (waarvan twee administratief en twee of drie rechterlijk) onbruikbaar zou zijn. Men zou dus, bij opdracht aan den gewonen rechter niet enkel aan het centraal gezag, maar ook aan gedeputeerde staten hunne bevoegdheid in zake de beslissing van administratieve rechtsgeschillen moeten ontnemen, hetgeen een ware —• niet goed te praten —revolutie zou zijn. Voldoende is één rechterlijke instantie, welke alle administratieve rechtsgeschillen, die de wet zal aanwijzen, heeft te berechten, en wier tusschenkomst eerst kan worden ingeroepen, wanneer geen administratief beroep meer open staat of heeft opengestaan. Die rechterlijke instantie zou zijn het zelfstandige Administratieve hooggerechtshof, bestaande uit ten minste zeven doctoren in de rechts- of de staatswetenschap.

Sluiten