Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de sacraal wig vertoont op de bovenvlakte van het eerste wervellichaam de ruwe aanhechtingsplaats van de tusschenwervelschijf, die het heiligbeen met den laatsten lendenwervel verbindt.

Aan de achterzijde (fig. 49), die convex is, bevinden zich

Fig. 49.

de bogen met de gewrichts- en doornuitsteeksels. Deze vergroeien meestal tot één beenmassa, die met de wervellichamen het sacraalkanaal omsluit, en waarop in de mediaanlijn de overblijfselen der processus spinosi als crista sacralis herkenbaar zijn. Tusschen de verschillende boogstukken blijven openingen over, foramina sacralia posteriora, die met de voorste heiligbeensgaten kanalen vormen, welke het geheele been van voor naar achter doorboren. Niet zelden blijft de mediane vereeniging der bogen achterwege, zoodat er dan, in plaats van eene crista sacralis, een hiatus sacralis ontstaat. Aan den laatsten sacraalwervel is dit regel. De achter vlakte der vleugels is ruw en ongelijk, zij dient ter insertie der later te bespreken ligamenta vaga.

De gewrichtsuitsteeksels van den eersten sacraalwervel blijven als zoodanig bestaan ter articulatie met den laatsten lendenwervel. De gewrichtsuitsteeksels van den laatsten heiligbeenswervel (cornua sacralia) zijn of rond en met kraakbeen bekleed, of wel met de hen tegemoet groeiende processus articulares van den eersten staartwervel beenig vergroeid. Het laatste sacraalwervellichaam draagt een ovaal gewrichtsvlak voor de articulatio sacro-coccygea.

De breede zijkanten van de vleugelstukken der bovenste drie wervels vertoonen een met kraakbeen bekleede, ongeveer

Sacrurn met lendenwervels, achterzijde.

Sluiten