Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de meer of mindere viscositeit van het bloed is waarschijnlijk niet geheel zonder invloed op de urineafscheiding.

2°. door de hoeveelheid bloed, die in de eenheid van tijd dooide nieren vloeit; hoe rijkelijker het bloed door de niervaten stroomt, hoe ruimer de diurese pleegt te zijn; niets beperkt zoozeer de urineafscheiding als verlangzaming van den bloedstroom, zooals wij later bij de beschrijving van de stuwingsnier zullen zien. Aangezien de bloedsomloop en vooral de wijdte der kleinere vaten in de nier ook al weer door het zenuwstelsel wordt geregeld, kan het geen verwondering wekken, dat de zenuwen ook bij de urineafscheiding, gelijk overal in het menschelijk organisme, uitgezonderd bij de idiomusculaire spiercontracties, een ernstig woordje hebben mede te spreken. De snelle stijging der diurese na psychische invloeden en onder nerveuse omstandigheden wordt daardoor dan ook wel begrijpelijk. Trouwens, de „urina spastica" en „urina nervosa" kent ieder geneesheer uit eigen ervaring. Het experiment heeft bovendien overtuigend aangetoond, dat na doorsnijding der nierzenuwen de vaten der nier worden verwijd en de urineafzondering stijgt.

3°. door den toestand van het nierweefsel. Bij zieke nieren kan de urineafscheiding zoowel vermeerderd als verminderd, ja zelfs geheel opgeheven zijn. Bij de acute nepliritis en de zg. chronische parenchymateuse nierontsteking en in de laatste stadiën der chronische interstitieele nepliritis pleegt de urineafzondering geringer, bij de schrompelnier en bij sommige vormen van amyloïdnier en in de latere stadiën der tot genezing neigende acute nephritis verhoogd te zijn.

Verstopping der nierbuisjes door ontstekingsproducten, cylinders, haemoglobine of sterke zwelling van het nierepitheel, druk op en afsnoering van vaten en nierbuisjes door de producten of de gevolgen van een exsudatief of interstitieel ontstekingsproces, doch vooral compressie der vaatkluwens door exsudaat en woekering van het kapsel- en glomerulusepitheel en der intima der fijnere glomerulusvaatjes, tengevolge waarvan het lumen wordt vernauwd en dus weinig bloed passeert,

Sluiten