Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

26.

Zijt gij niet eerst tegen den kop opgetrokken ?

27.

Om welke reden gaf hij die order ?

28.

Hebt gij Faber ook zien opkomen ?

29.

Moet gij niet erkennen door bij die gewapende oproerige menigte u te hebben bevonden, misdaan te hebben ?

30.

"Wat hebt gij tot uwe versohooning of verontschuldiging m te brengen ?

Aldus &c. 29sten Deo. 1815.

Als Grecommitteerdens :

P. Diemel. W. Hiddingh.

ook gekomen, en zooals dezelve mij geroepen heeft, ben ik afgekomen.

Antwoord: Ja, op order van Bezuidenhout.

1815.

Antwoord : Dat weet ik niet; ik heb hem niets daarvan hooren zeggen ; maar hij wilde niet luisteren naar mijn vader en Willem Krugel, die hem vermaanden dat hij ons moest laten omdraaijen, en naar huis gaan; maar hij dreigde ons met Faber en de Kaffers ; ik zag toen wel, dat hij ons verleid had, en verlangde van hem af te komen, en daarna heb ik, toen de Landdrost kwam, mij naar hem begeven.

Antwoord: Neen, maar hij kan wel gekomen zijn.

Antwoord: Ik weet 't niet, maar ik geloof niet dat het goed was, dog ik konde niet weg komen.

Antwoord. Dat ik bevreesd ben gemaakt door de bedreigingen van Bezuidenhout, en zelve geen kwaad er bij heb gepleegd: en ik ben afgekomen zoo als ik gelegenheid heb gehad om bij den Landdrost te komen.

(get:) Ulaas Prinslo.

Mij present:

GL Beelaerts van Blokland,

Secretaris.

Sluiten