Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1S16.

19.

Hoe lang zijt gij daar gebleven ?

20.

Wat hebt gij toen den volgenden dag gedaan P

21.

Wie waren die andere menschen ?

22.

Wat deden die menschen daar ?

23.

Waar zijt gijlieden toen heengereden ?

24.

Wat is daar gebeurd ?

25.

Is de Yeldcommandant niet bij ulieden geweest ?

26.

Hebt gij hem ook niet zien wegrijden ?

27.

Wie heeft toen zijn paard bij den toom gehad ?

Antwoord : Tot het dag werd.

Antwoord: Toen zijn wij verder gereden, en vonden, bij het kopje, tussehen de posten van Luit. Iiosseau en Capt. Andrews, de andere menschen.

Antwoord: Willem Krugel, Johannes Bezuidenhout, Nicolaas Prinslo, Mart. zn., Martinus Prinslo, Klaas zn., Jan Bronkhorst, Jacobus Klopper, Lucas van Vuuren, Theunis Fourie, Piet Fourie, Frans Smit, Philip Botha, Johannes Botha, Joohem Prinslo, Joch. zn., Jochem Prinslo, Klaas zn., en Piet Erasmus, Louw, zn.

Antwoord : Die wachtten op Theunis de Klerk.

Antwoord: Naar de post van Gapt. Andrews.

Antwoord: Daar heeft Johannes Bezuidenhout een kleinen Hottentot gezonden om Hendrik Prinslo te vragen, en naderhand ook nog Klaas Prinslo en Piet Erasmus; maar Majoor Fraser liet weten dat hij den voorm. Hendrik Prinslo niet kon de loslaten.

Antwoord : Ja, maar ik was toen achteraf op zijde.

Antwoord: Ja.

Antwoord : Theunis de Klerk.

Sluiten