Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat hij bijna in elkaar zakte. Met stof bedekt en niet bloedende voeten viel hij op den drempel van een denr neer. Nauwelijks had hij de kracht meer tot bedelen. En de voorbijgangers keken hem wel aan, maar niemand bood

zien aan liem te helpen, tot er eindelijk een jongen bij hem kwam staan, en hem vroeg wat hij scheelde.

Deze jongen was ongeveer van Olivier's leeftijd en zag er allerpotsierlijkst uit. Hij had een klein stompneusje, een plat voorhoofd en verder een heel ordinair gezicht; daarbij zoo'n smeerpoets, als men zich maar voorstellen kan; maar hij had de manieren en degeheele houding van een groot

mensch. Hij was klein Een ■>on*e11 kwam bij hem staan en vroeg wat

hij scheelde.

voor zijn leeftijd, had

kromme beenen en kleine, leelijke steekoogjes. Zijn hoed

stond zoo los op zijn hoofd, dat men ieder oogenblik

dacht dat hij zou afvallen, en zeker zou hij dat ook °elii

daan hebben, wanneer zijn eigenaar hem niet door allerlei bewegingen met het hoofd in evenwicht gehouden had. Behalve dien hoed droeg hij een groote-menschenjas, die bijna tot op zijn hielen neerhing. Hij had de mouwen tot

Sluiten