Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

meinsche helden van dezen oorlog zijn vooral L. Pavirius Cursor en Q. Fabius Rulliüïius. De derde Samnitische Oorlog (298-290) verkreeg een dreigend aanzien (295), doordat de Sammeten zich met de Etruscers, Umbriërs en Galliërs tegen de Romeinen vereenigden; doch ook dit gevaar werd afgewend door den slag van Sentinum (295), waarna door verdere overwinningen in 290 de vrede tot stand kwam. Eindelijk hernieuwden de Samnieten nogmaals den oorlog, toen Pyrrhus, koning van Epirus, in 280 in Italië verscheen en zich aan het hoofd stelde der Italiaansche volkeren; dezen echterwerden, nadat Pyrrhus in 275 het land verlaten had, weldra weder tot onderwerping gebracht. De uitkomst van dezen oorlog was, dat de Samnieten wel is waar in naam i Aor lïaiTH'i[ien werden. maar door ko¬

loniën op hun eigen land in bedwang gehouden werden. Nog eenmaal grepen zij naar de wapens (91—88) en namen deel aan den Bondgenootenoorlog, terwijl zij zich in den Eersten Burgeroorlog (83) bij de partij van Marius voegden. Zij werden" echter in een bloedigen veldslag (82) verslagen, en de duizenden gevangenen werden op bevel van Sulla omgebracht.

Samnium is de naam van het land der bam. • .,1.1.,

nieiüll l/,ic aiuaaii j. .

Samoa-eilanden of Schippers eilanden is de naam van een Polynesische eilandengroep ten N.O. van de Fidsji-Eilanden, tusschen 131/,—141/, Z.Br. en 168,9°—172,45° W. L. van Gr. gelegen. Zij bestaat uit 4 grootere en onderscheiden kleinere eilanden met een gezamenlijke oppervlakte van 2787 v. km, waarvan 2588 v. km. Duitsch en 199 v. km. Amerikaansch gebied zijn. De bevolking telt (1906) 39 229 zielen (34 062 op Duitsch, 5167 op Amenkaansch gebied). De eilanden zijn van vulkanischen oorsprong, door koraalriffen omringd en hebben weinig geschikte landingsplaatsen en havens. Het binnenland is grootendeels bergachtig, terwijl de vulkanen uitgedoofd schijnen te zijn. Bij Olosengahad

_l 1, ~ nlnotc

echter m löbb een onaerzetsscue uiuuaiobuig gevolgd door een aschregen. Aan de kusten heeft men vruchtbare, mild besproeide vlakten met een tropischen plantengroei. Het klimaat is zeer gelijkmatig, terwijl men er 2 jaargetijden kent (regentijd: November—April; temperatuur gemiddeld jaarlijks ongeveer 26°, regenval in 1904:2864 mm.). De Polynesische inwoners vormen een mooi menschenslag, zijn licht van kleur, slank en goed gebouwd. Het zijn goede zeelieden, die zich vooral bezig houden met de vischvangst, het vervaardigen van matten en ander vlechtwerk enz. Zij bewonen goed gebouwde hutten, kweeken kokospalmen, bananen, taro, yams, bataten, kawa en tabak, en in geringere mate koffie en cacao. In 1904 waren 15 548 H.A. in het bezit van

Europeesche plantages. Uitgevoerd wordt hoofd, X, 1 i - /-tonr;. Qonnn Vit ^ FIp

zakeiijK copra, veruer cauau, «b.,.

cacao- en caoutchouccultuur dag teekenen van de laatste jaren.

De Samoa-eilanden zijn in 1722 door Roggeveen ontdekt en kregen ten deele den naam Bouwmanseilanden. De Franschman Bougainville noemde ze in 1768 Scliippers-eilanden. Na dien tijd werden zij in 1787 bezocht door Lapérouse, in 1791 door Edwards en in 1824 door Kotzébue; doch eerst in 1830, toen Williams er zijn zendingstaak aanvaardde, werden de eilanden nauwkeuriger onderzocht. In 1878 sloten de Vereenigde Staten van Noord-Amerika, in 1879

Qn r^vnaf_"Rriffn.nnifi vrifmdsr.hans- en

XJ UI LiO VylllCAiil VA ^11 mvvu r

handelsverdragen met Samoa. Sedert dien tijd be¬

moeiden de drie mogenaneaen zien met uc uumenlandsche aangelegenheden van Samoa, waar veel werd gestreden over het koningschap. Den 2den December 1899 kwam er een verdeelingsverdrag tot stand, waarbij Duitschland de eilanden SavaiiOepoloe, Manono en Apolima, Amerika: Totoeila, de Manoea-eilanden en Rosa en Engeland eenige Salomons-Eilanden, de Tonga-Eilanden en Nioeë kreeg. Het koningschap werd afgeschaft en een soort zelfbestuur ingevoerd.

Samoem, door de Perzen Bahd-Samoem, door de Arabieren der woestijn Samboeli en door de Turken Sam-jeli (van sam = vergif en yel = wind) genoemd,

waait vooral in net w. geaeeite van az,ib, ui iicu uijzonder in Steenachtig Arabië, in de woestijnen tusschen Basra, Bagdad, Aleppo en Mekka, langs de kust der Perzische Golf en langs de oevers van den Tigris. Daar doet hij zich gevoelen in de maanden Juni, Juli'en Augustus, maar het hevigst in Juli, meestal des avonds, terwijl hij boven rivieren en meren zijn kracht verliest. Een dergelijke wind, die in de Sahara ontstaat en Egypte teistert, draagt den naam Chamsin, een andere dergelijke wind dien van

Harmattan. De Soemoem is een neete, uioge en we¬

gens het medegesleepte woestijnzanu zeei unaaugcname wind; intusschen is het verhaal, dat hij wel eens geheele karavanen zou hebben vernietigd, een

verdichtsel der Hedoeinen. ais siengevauen upuicden, is dit een gevolg van sterke uitdroging. Als de samoem nadert, wordt de hemel rood in de streek, vanwaar hij waait en hoort men een eigenaardig bruisen in de verte. De lucht wordt door het stof rood- of geelachtig gekleurd. Hij blijft wel eens eenige uren aanhouden, maar de eigenlijke wervelwind duurt slechts eenige minuten, en de hitte klimt daarbij tot meer dan 40° C. Terwijl de uitwaseming des lichaams alsdan door de verbazende hitte sterk ver¬

meerdert, wordt het gehemelte droog, en er ontstaat een ondragelijke dorst, vergezeld van onpasselijkheid. Gewoonlijk waait de samoem 2 a 3 dagen

achter elkander, om dan voor vnj iaugcu uiju v»c5 w

blijven. .

Samoerai, in Japan het militaire gevolg van de ..„,.™,iQr, /innmn in aantal, een erfeliiken

UcUUU^U, VUJ.1A1VAVA1, vw 7 „

stand. Zij bezaten het voorrecht twee zwaarden te

mogen dragen. JNa de Kestauraue weiu uuu uio voorrecht ontnomen en hun jaarlijksche inkomsten werden in eens uitbetaald; zij heeten sedert 1878 shizokoe. Tot dezen Japanschen ridderstand behoorden ook de Hatamato, de samoerai van de Tokoegawa-Sjogoens. . ,

Samogltië is een landschap m Lithauen, het W. gedeelte van het Russische gouvernement Kowno. xi„j- in Hp 13de m 14de eeuw aan de Duit-

11CI ucuwiuv J.H

sche Orde, verviel later aan Polen en heeft mwoners, die de volkseigenaardigheden der Lithauërs onveranderd bewaard hebben.

Samojeden, die zich zelven Chasowa (menschen) noemen, vormen een volk van den Oeral- Altaischen stam in het N.W. van Azië en het N.O. van Europa. Dit volk bestaat uit de Joeraksamojeden aan de IJszee, tusschen den Mesen en den Jemsseï, uit de Tawgisamoj eden, tusschen den Jenisseï en de Chatanga, en uit de Oostjakische Samojeden ten Z. J ^ U«,rnn<»nTlAQm^mi 1T1 flA hnsschen en moeras¬

van UC — muil

I gebieden van de Russische gouvernementen IodoIsk

Sluiten