Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vormige witte of bruine zaden, die zeer smakelijk zijn en vooral tot het bereiden van de pikante saus dienen, welke onder den naam van soja algemeen bekend i<. Die bereidi ïg geschiedt door de gekookte boonen met gerooste gerst gedurende 2 of 3 maanden in zout water te laten liggen en éen en ander dan uit te persen. Het bruine vocht wordt voorts in kruiken of flesschen in den handel gebracht.

Sojaboon. Zie Soja.

Sojakoek is het restant, verkregen bij de winning van olie uit de Sojaboon (zie Soja). De koeken van geperste zaden bevatten gemiddeld omstreeks 40.87% eiwit en 5.65% vet en die van geëxtraheerde zaden respectievelijk 44.07 en 1.59 % van een goede verteerbaarheid. Ze blijken een goed voeder voor melkvee te zijn, dat slechts weinig met lijnkoeken verschilt. In vergelijking niet laatstgenoemd voeder werd de melkopbrengst een weinig verhoogd, het vetgehalte der melk een weinig verlaagd.

Sokoto (Sackatoe), een Foelbprijk in den Midden-Soedan, de grootste van de Haussastaten, tusschen den Niger, Binnoewe en Bornoe gelegen, sloot in 1885 en 1890 verdragen met de Engelsche Nigercompagnie, waardoor deze het handelsmonopolie aan beide oevers van den Niger ontving. Het behoort sedert de Engelsch-Fransche overeenkomst van 5 Augustus 3890 tot de Engelsche belangensfeer. In Maart 1903 werd het door Engelsche troepen bezet. Onmiddellijk onder den sultan staan de provincies Katsena, Kano, Gbari en Saria. Meer of minder sterk uitgesproken is de afhankelijkheid van Gando, Kalam, Bautsji, Moeri, Adamaua en Kororofa. Den kern der bevolking vormen de Ilaussa, de heerschende klasse de Foelbe; bovendien wonen in verspreide groepen: Maudingo, Toearegs, Kanoeri en Arabieren. De Sisilbe (Mandingo) worden als uitstekende leerbewerkers, lakenmakers en wapensmeden genoemd. Vroeger was de stad Sokoio, aan den Gulbin-Sokoto 270 m. boven den zeespiegel gelegen, met haar 120 000 inwoners een door Arabische karavanen druk bezochte handelsplaats; thans is zij vervallen en telt nog slechts 8000 inwoners. Tegenwoordig is Woerno, dat 16000 inwoners telt, de residentie en Kano het centrum voor het handelsverkeer der Haussastaten.

Sokotora. Zie Sokotra.

Sokotra (Sokotora, afkomstig van den Griekschen naam Dioskorides),eeu Britsche eilandengroep, omvat het hoofdeiland Sokotra, Abd el Koeri en twee eilanden (Darsa en Samba), ligt 370 km. ten Z.van Arabië en 240 km. ten O.van Kaap Guardafui, tussclien 12°19'—12°45' N. Br. en 63°23'—54°36' O. L. v. Gr. Sokotra zelf is 140 km. lang en 30—38 km. breed en telt op 3579 v. km. 10 000—12 000 inwoners. Het eiland bestaat uit kalksteen uit den krijt- en oudsten tertiairen tijd op een grondslag van graniet, welke voor een deel als toppen te voorschijn treedt (Dsjebel Hagier: 1420 m.). Bovendien komen vulkanische vormingen aan de oppervlakte op. Het vochtige en heete klimaat (21—30 °C.) heeft een langen (April-Juli) en een korten (OctoberDecember) regentijd. Slechts gedurende den N.O. moesson (October-April) is het koeler. In den plantengroei sluit Sokotra zich bij Arabië en Afrika aan en heeft in het W. een woestijnvegetatie, in het O. een gebergte met weelderigen planten- en grasgroei; karakteristiek zijn do Arabische balsemboomen

Boswellia en Balsamodendron naast de endemische Aloë soeolrina, drakenboomen (Dracaena), Dendrosicyos met tonvormige stammen en een soortgelijke apocynee van Afrika's O. kust, Adenium multiflorum. De fauna vertoont verwantschap met het Middellandsche Zeegebied en de Aetliiopische zone en bezit slechts inheemsche soorten van vogels en reptiliën, niet van zoogdieren, kikvorschen en zoetwatervisschen. De bevolking bestaat uit Bedoeïnen in het bergland van het binnenland, de oudste bewoners van het eiland, een krachtig menschenras, dat het Z. Arabische dialect der Mahra, het Ehkili of Mehri, spreekt, uit Arabieren, die zich aan de N. kust met handel, veeteelt en een weinig landbouw bezig houden, uit Soeaheli en uit Indiërs. De algemeene taal is het Arabisch, de godsdienst de Mohammedaansche, nadat aldaar tot de 17de eeuw Nestoriaansche Christenen hadden gewoond. De hoofdplaats is Tamrida in het N. met een reede en 100 inwoners; Kallansija in het N.W. is een verbanningsoord. Sokotra en de naburige eilanden worden door een sultan geregeerd, staan sedert 1886 onder Britsch protectoraat en worden staatkundig tot Aden, d. i. tot Britsch-Indië gerekend.

Het in de Oudheid Dioskorides genoemde eiland werd in 1506 door de Portugeezen bezet, doch reeds in 1510 door den sjeik van Kesjin veroverd. In 1835 maakten de Engelschen het eiland tot een kolenstation, gaven het echter, wegens het ongezonde klimaat,inl839 weer op,verkregen het in 1876voorden tweeden keer door een verdrag met den sjeik en namen het in 1886 officieel van uit Aden, waartoe het administratief behoort, in bezit. Schweinjurth onderzocht het in 1881.

Sokrates, een Grieksch wijsgeer, een zoon van den beeldhouwer Soplironiskos en van de vroedvrouw Phaenarete, geboren te Athene omtreeks het jaar 469 v. Chr., oefende zich eenigen tijd in de werkplaats van zijn vader, en een groep aan den voet van een trap, welke naar de Akropolis voerde, werd aan hem toegeschreven. Spoedig echter gaf hij kosteloos onderwijs in den vorm van gemeenzame gesprekken; tevens zocht hij onafhankelijk te blijven door zijn stoffelijke behoeften tot het volstrekt noodzakelijke te beperken. Hij trachtte vooral zulke jongelingen tot helder denkende en karaktervolle mannen te vormen, wier geboorte en talent, zooals bij Alkïbiades en Krilias, deden verwachten, dat zij later grooten invloed op hun medeburgers zouden uitoefenen. Daarbij veronachtzaamde hij zijn burgerplichten, ook de militaire, niet. Ofschoon een vijand van den oorlog, nam hij deel aan drie veldtochten en redde in den slag bij Potidaea Akibiades, die van het paard was gevallen, door een manmoedige verdediging het leven. Zijn streven naar onafhankelijke degelijkheid en zijn bemoeiingen om de individuën zelfstandig te maken, ook ten opzichte van de overlevering in liet geloof, de wet en de zeden, deed hem op één lijn met de sofisten plaatsen. Daarbij werd echter over het hoofd gezien, dat hij juist in tegenstelling met het zuivere subjectivisme van de laatsten, naar algemeen geldende waarheid en op vaste grondslagen berustende zedelijkheid voor zich en anderen zocht en meende deze ook gevonden te hebben. Sokrates werd beschuldigd, dat hij de jeugd bedierf en andere goden als die van den staat verkondigde. Als zijn beschuldigers worden genoemd de dichter Meietos, de lederkooper en demagoog Anylos en de rhetor Lykon.

Sluiten