Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Een eenvoudig handinstrument voor de waarneming van ultraviolette spectra wordt door de firma B. Fuetz te Steglitz bij Berlijn geleverd (fig. 1 en 2). Fig. 2 vertoont een doorsnede over de geheele lengte, fig. 1 den uitwendigen vorm. S is de spleet, welke men kan regelen, Oj de uit kwarts bestaande collimatorlens, Qj en Q2 zijn twee kwartsprisma's uit rechts- en linksdraaiend kwarts, 02 het kijkerobjectief van kwarts, F een totaal refiecteerend vloeispaatprisma en U een uraanglasplaat. Het op de laatste ontstane fluoresceerende spectrum van ultraviolet wordt door de oculairlens o, een Steinheil loep, waargenomen. Den geheelen kijker kan men door middel van een door twee schroeven s gevormd scharnier in de vereischte helling ten opzichte van de uraanglasplaat brengen.

Spectrometer is de naam van een instrument, waarmede men de afwijkingen meet der verschillende homogene stralen van een spectrum, dat door een prisma of rooster wordt voortgebracht. Zie verder Spectraalanalyse.

Spectrophotometer is de naam van een werktuig, dat in staat stelt om de spectra, afkomstig van twee verschillende lichtbronnen, tegelijkertijd in het gezichtsveld waar te nemen, en wel zoodanig, dat stralen van dezelfde brekingscoëffieiënt onmiddellijk naast elkander komen te liggen. Door nu de intensiteit van de eene lichtbron (in een bekende verhouding) te verkleinen, kan men het verschil in helderheid der beide lichtbronnen voor stralen van één kleur opheffen en zoodoende de verhouding van de lichtsterkte der bronnen kleur voor kleur bepalen (quantitatieve spectraal analysé). De toestellen hebben gewoonlijk den Bunsenschen vorm. Bij dien Vierordt is de collimatorspleet verdeeld in een bovenste en een onderste helft, die beide of een van beide met behulp van een mikrometerschroef vernauwd of verwijd kunken worden, waardoor men de verhouding, waarin de intensiteit van stralen van een bepaalde kleur veranderd moet worden, om gelijk te worden aan die der stralen, afkomstig van de andere bron, kan meten.

Spectroskoop. Zie Spectraalanalyse.

Spectrum (Latijn „spook") noemt men het kleurenbeeld, waarin samengesteld licht door dispersie door middel van een prisma of door buiging wordt uitgebreid. Zie Dispersie en Spectraalanalyse.

Speculatie, of bespiegeling noemt men de werkzaamheid van den geest, die zich boven den kring der zintuigelijke waarnemingen verheft en ook zonder deze, enkel door nadenken, tot den oorsprong, den aard en het verband der dingen zoekt door te dringen. De weg der speculatie wordt door wijsgeeren doorgaans bewandeld, wanneer zij zich met de resultaten der ervaring niet kunnen vergenoegen. — Men geeft den naam van speculatie ook aan het bedrijf van den koopman, die bij zijn inkoopen of verkoopen met een vermoedelijke rijzing of daling van den prijs van de goederen te rade gaat.

Specx, Jacques, ambtenaar in Nederlandsch Oost-Indië, geboren te Dordrecht omstreeks 1585, kwam in dienst bij de Compagnie te Firando (Japan) en werd in 1609 tot opperkoopman, hoofd van de factorij aldaar benoemd, welke fui ctie hij tot 1613 en vervolgens van 1614 — 1621 waar¬

nam. Vervolgens werd hij president van schepenen te Batavia, raad extraordinaris van NederlandschIndië en in 1624 commissaris-politiek bij den Bataviaschen kerkeraad. In 1627 vertrok hij naar Nederland, werd in 1628 door de Heeren XVII tot eersten ordinaris raad van Nederlandsch Indië benoemd en vertrok in het begin van 1629 naar Indië. Na den dood van Coen werd hij door den Raad van Indië provisioneel tot gouverneur- generaal gekozen, welke benoeming echter door de Heeren XVII niet bekrachtigd werd. Hij werd teruggeroepen en vervangen door Hendrik Brouwer. In Juli 1633 kwam hij weer in Nederland aan. Gedurende zijn tijdelijk gouverneurschap werd Batavia voor de tweede maal door Mataram belegerd.

Spee, Friedrich von, een Duitsch dichter uit het adellijk geslacht Spee von Langenfeld, geboren den 258teo Februari 1591 te Kaisersweith, trad in de orde der Jezuïeten en studeerde te Keulen en Trier, werd in 1621 priester en professor en ging in 1627 als professor naar Würzburg, waar hij tevens de ter dood veroordeelde heksen en toovenaars ter strafplaats moest vergezellen. Dientengevolge bestreed hij in zijn „Cautio criminalis sive Liber de processu contra sagas" met kracht het heilloos geloof in heksen en toovenaars. In 1628 werd hij naar Peine in het Hildesheimsche gezonden, om er de Protestanten terug te brengen tot den schoot der R. Katholieke Kerk. Een moordaanslag kluisterde hem te Hildesheim langen tijd aan het ziekbed. In 1631 werd hij als professor in de moraaltheologie naar Keulen beroepen. Hij doceerde van 1633—1635 te Trier en overleed aldaar den 7de" Augustus 1635. Zijn „Trutz-Nachtigall", een verzameling van geestelijke liederen, in 1649 verschenen, behoort tot de beste voortbrengselen der Duitsche letterkunde in de 17de eeuw. Ook schreef hij een „Guldenes Tugentbuch" (1649 en later), met fraaie liederen doorweven.

Speeksel (saliva) noemt men de in de mondholte aanwezige vloeistof,een mengsel van mondslijm met het afgescheiden vocht der drie paren speekselklieren. Het speeksel reageert alkalisch en bevat doorgaans 1jt% vaste bestanddeelen. Tot deze behooren speekselstof (ptyaline) en rhodaankalium. De eerste is een nog niet nauwkeurig bekend ferment. De speekselafscheidende klieren zijn de beide oorspeekselklieren, de beide onderkaaks- en de beide ondertongklieren. Op de afscheiding van speeksel hebben de zenuwen grooten invloed. Er loopen takken van de sympathische zenuw en van de aangezichtszenuw naar de speekselklieren, en een prikkeling dier zenuwen heeft aanstonds een sterkere afscheiding van speeksel ten gevolge. Middellijk wordt die afscheiding ook door den nervus trigpminus bevorderd. De hoeveelheid speeksel, door een volwassen mensch in één etmaal afgescheiden, wordt geschat op l1/, kg. Een vermeerderde speekselafscheiding ontstaat meestal door prikkeling der smaakzenuwen door middel van in de mondholte gebrachte spijzen, verder door prikkeling van de gevoelzenuwen der mondholte, van de reuk- en maagzenuwen, door het kauwen en spreken, alsmede door de voorstelling van smakelijke spijzen en eindelijk door bepaalde geneesmiddelen. Het speeksel vervult een belangrijke rol bij de spijsvertering; het lost vele bestanddeelen der voedingsstoffen op, vermengt

Sluiten