Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

met den bal, oplaten van den vlieger enz. geschiedt geenszins tegelijk maar ieder spel heeft zijn bepaalden tijd, waarop het als bij instinct wordt ter hand genomen. Het spelen is voor de kinderen een heilzaam werk, een oefening van de zintuigen, van de ledematen, van het verstand, van de verdraagzaamheid, een ontwikkeling van gepaste eerzucht en van het gevoel van recht. Zulks is door de meest ervaren opvoedkundigen erkend, vooral door Rousseau, Pestalozzi en Fröbel. Vorderen de kinderen in leeftijd, dan wordt het kinderspel vervangen door gymnastiek en sport (zie deze artikelen). Tot de eigenlijke spelen der volwassenen behooren o.a. het bal-, kolf-, kegelspel enz., alsook het biljart, welke men bewegingsspelen zou kunnen noemen, verder de rustspelen, zooals het dam- en schaakspel en de verschillende fijne kaartspelen. Hazardspelen rekenen wij niet onder de spelen.

Den naam spel geeft men eindelijk aan de uitvoering van een tooneel- of muziekstuk.

Spel en weddenschap. Zie Hazardspel en Kansovereenkomst.

Spelt. Zie Tarwe.

Spencemetaal of IJzerthiaat is een naar Spence genoemd metaalachtig mengsel van zwavelijzer, zwavelzink, zwavellood en zwavel. Het is donker van kleur, taai, een weinig elastisch, geleidt de warmte slecht, bezit een soortelijk gewicht van 3,5—3,7, smelt bij 110—170 CC. en zet zich bij verwarming uit. Het is goed bestand tegen zuren en alkaliën en wordt niet door water aangetast. Men gebruikt het voor regenbakken, bekleeding van waterleidingsbuizen, als verbindingsmiddel voor gas- en waterleidingen, als sluiting van flesschen en bussen, als gietvorm, voor cliché's enz.

Spencer, Georg John, graaf, een Engelsch liefhebber van boeken, geboren den lsten September 1758, werd in 1783 lid van het Hoogerhuis, in 1794 eerste lord der Admiraliteit, trok zich in 1801 met Pitt terug, werd in het ministerie "Fox en Grenville weer voor korten tijd staatssecretaris voor Binnenlandsche Zaken, leefde sedert teruggetrokken en overleed den 10den November 1834. Door aankoop van de boekenverzameling van den graaf van Newiczki in 1789, heeft hij den grondslag gelegd voor een bibliotheek, welke hij voortaan door omvattende en dure aankoopen tot de grootste en schitterendste particuliere verzameling van Europa maakte. Zij telde meer dan 45000 deelen. In 1892 kwam zij in het bezit van John Ryland en vormt tegenwoordig de in 1899 door diens echtgenoote geopende John Rylands Library te Manchester. Spencer had ook een rijke schilderijenverzameling aangelegd.

Spencer, John Charles, graaf, een Britsch staatsman, zoon van den vorige, bekend onder den naam lord Althorp, geboren den 308ten Mei 1782, studeerde te Cambridge, werd in 1803 lid van het Lagerhuis, waar hij zich bij de Whighs aansloot, en bekleedde onder Fox en Grenville de betrekking van lord van de schatkist. In het ministerie Gréy werd hij kanselier der schatkist (1830) en zijn gezag in financiëele en staathuishoudkundige zaken was zeer groot.

Toen hij in 1834 na het overlijden zijns vaders lid werd van het Hoogerhuis, moest hij zijn ambt als kanselier nederleggen, waarna hij zich aan

den landbouw wijdde. Later sloot hij zich aan bij de Anti-Cornlaw-League. Hij overleed den lBten October 1845.

Spencer. JohnPoyntz,vi]i&e graaf van, een Britsch staatsman, een neef van den vorige, geboren den 27sten October 1835, ontving zijn opleiding te Harrow en te Cambridge, was van 1859 tot 1861 opperkamerheer (groom of the stole) van prins Albert en bekleedde van 1862 tot 1867 dezelfde betrekking aan het Hof van den prins van Wales. Toen Gladstone in 1868 als eerste minister optrad, werd Spencer tot onderkoning van Ierland benoemd, maar nam in 1875, bij den val van het liberaal bewind, zijn ontslag. Zoodra echter in April 1880 Gladstone opnieuw aan het hoofd der zaken kwam, werd hij voorzitter van den Privy Council. In 1882 werd hij weder benoemd tot onderkoning van Ierland en was in 1886 weer korten tijd voorzitter van den Geheimen Raad. In het vierde ministerie-Gladstone en in het ministerie-Rosebery was hij van Augustus 1892 tot Juni 1895 eerste lord der Admiraliteit. In 1902 werd hij als opvolger van den graaf van Kimberley tot leider der liberale partij in het Hoogerhuis gekozen. Hij overleed in Augustus 1910.

Spencer, Herbert, een Engelsch wijsgeer, geboren den 27sten April 1820 te Derby, werd door zijn vader, een leeraar in de wiskunde, en zijn oom Thomas Spencer, een liberalen geestelijke,opgevoed, werd eerst civiel-ingenieur, daarna journalist en (van 1848—1859) medewerker aan den door J. Wilson uitgegeven „Economist", aan de „Westminster Review", de „Edinburgh Review" en andere tijdschriften, ten slotte wijsgeerig schrijver en stichter van een eigen stelsel, dat hij als evolutie- of ontwikkelingswijsbegeerte aanduidde. Volgens dit stelsel kan alleen het relatieve waargenomen worden, waaraan echter een onwaarneembaar absoluut iets ten grondslag ligt. De processen in het waarneembare zijn evolutie, d. i. uitbreiding der beweging, waarmede de integratie van de stof gelijktijdig plaats vindt en dissolutie, d. i. absorptie der beweging, waarmee desintegratie verbonden is, Evenals al het andere geestelijke, worden ook de ethische verschijnselen door de evolutie verklaard. Het eerste belangrijke geschrift van Spencer was een statistiek onder den titel „Social statics" (1851, 1868, verkorte druk, 1892), waarop de „Principles of psychology"(1855) volgden. In 1860 begon hij naar het voorbeeld van Comte's „Cours de philosophie positive" met een samenhangende reeks wijsgeerige werken, waarin „in hun natuurlijke volgorde" de beginselen der biologie, psychologie, sociologie en moraal werden ontwikkeld. Dit in 1896 afgesloten „System of synthetic philosophy" bestaat uit de volgende afdeelirgen: „First principles" (5de druk, 1893), „Principles of biology" (2 dln., 6de druk, 1898), een omwerking van de „Principles of psychology"(2 dln., 3de druk, 1890), „Principles of sociology"(3 dln., 1876—1896), en„Ethics" (2 dln., 1892—1893). Bovendien schreef Spencer: „Education intellectual, moral and physical" (38ste druk, 1896), „Essays scientific, political and speculative" (2 dln., 1858—1863), waarvan de 5de druk (3 dln., 1891) ook de „Classification of the sciences" (3de druk, 1871) bevat, „Recent discussions in science, philosophy and morals"

XIV

36

Sluiten