Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bishops Wearmouth en Monk Wearmouth (1901) 146 077 inwoners. Een ijzeren brug ter lengte van 30 m. verbindt de beide rivieroevers alwaar reusachtige dokken zich uitstrekken. De toegang tot de haven wordt gevormd door twee dammen (594 en 539 m. lang), en is door batterijen beveiligd. De nieuwe stadswijken tellen vele smaakvolle gebouwen, de Oudstad heeft echter, vooral nabij de haven, nauwe, kromme straten. Men vindt er een aantal moderne kerken, een synagoge, een stadhuis in renaissancestijl, een beurs, onderscheiden instellingen van weldadigheid, een godgeleerd seminarium, een school voor kunst, een museum voor gezondheidsleer, een blindeninstituut, een weeshuis, een stedelijk museum met een bibliotheek, een schouwburg, een park met een standbeeld van generaal Havelock, groote scheepstimmerwerven, machinefabrieken, glasblazerijen, ijzergieterijen, ankersmederijen, touwslagerijen, geelgieterijen enz. In 1903 telde de reederij 251 schepen van 296221 ton inhoud en 66 visschersschepen. In 1903 liepen 6129 schepen van 2 566 604 ton de haven binnen. Sunderland behoorde tot 1888 tot het graafschap Durham. In de nabijheid ligt de stad South wiek on Wear (12 643 inwoners) met scheepsbouw en nijverheid.

Sundsvall, een havenstad in het Zweedsche lan Westernorrland, ligt aan de uitmonding van de Indalfself en aan den spoorweg naar Drontheim, bezit veel ijzerindustrie, houtzaagmolens, scheepsbouw, uitvoer van hout, houtstof en ijzer en telt (1905) 16 060 inwoners. In 1903 kwamen in het

belastmgdistrikt van Sundsvail 531 schepen van 269 648 ton inhoud uit het buitenland aan, terwijl

öo» scnepen van 4DU zoa ton vertrouwen, sunüsvali werd in 1624 door Gustaaf Adolf aangelegd.

Sunion of Sunium, de zuidspits van het oude Attika, was gekroond met een beroemden tempel van Minerva, van welken zich thans nog 11 zuilen verheffen, waarom dit voorgebergte nu den naam draagt van Kaap Colonnas.

Sunna. Zie Soenna.

Supan, Alexander, een Duitsch aardrijkskundige, geboren den 3dei1 Maart 1847 te Innichen in Tirol, studeerde te Graz, Weenen, Halle en Leipzig, werd in 1871 leeraar aan de hoogere burgerschool te Laibach, vestigde zich in 1877 als privaatdocent aan de universiteit te Czernowitz, werd in 1880 hoogleeraar en vestigde zich in 1884 te Gotha, waar hij sedert dien tijd „Petermanns Mitteilungen" redigeerde en zich door het stichten van het aardrijkskundige literatuur-overzicht verdienstelijk maakte. Van hem verschenen aflevering 84 „Archiv für Wirtschaftsgeographie"(dl. 1, Noord-Amerika van 1880—1885, 1886), aflevering 124 „Die Verteilung des Niederschlags auf der festen Erdoberflache" (1898) en het vervolg van „Die Bevölkerung der Erde" van Behm en Wagner (dl. 8 en 9 met H. Wagner, 1891, 1893, dl. 10, 11, 12 en 13 alleen, 1899, 1900, 1904 en 1909). Verder schreef hij: „Lehrbuch der Geographie für österreichische Mittelscliulen" (ll116 druk, 1904), „Statistik der untem Luftströmungen"(1881), „Grundzüge der physischen Erdkunde"(1884), „Österreich Ungarn"(1889), „Deutsche Schulgeographie"(88te druk, 1905) en „Die territoriale Entwickelung der europaischen Koloniën, mit einem kolonialgeschichtlichen Atlas" (1906). In 1909 werd hij hoogleeraar aan de universiteit te Breslau.

Superearg-a noemt men dengene, die aan boord van een koopvaardijschip het toezicht heeft op de lading en van deze verantwoording schuldig is aan den eigenaar of de eigenares.

Superintendent noemt men in de Evangelische kerk in Duitschland den predikant, aan wien het toezicht op de kerkelijke aangelegenheden en vooral op den wandel der geestelijken in een bepaald distrikt is opgedragen. Hij voert in het zuiden van Duitschland den naam van decaan. De superintendent van eene provincie of van een klein land voert den titel van superintendent-generaal.

Superior city, de hoofdstad van het graafschap Douglas van den Noord-Amerikaanschen staat Wisconsin, ligt aan den zuidelijken oever van de Bai Fond du Lac van het Bovenmeer en aan den rechter oever van de Saint-Louis tegenover Duluth, bezit een kopstation van de Northern-Pacific- en Greath-Northern spoorweg en telt (1900) 31 091 inwoners (in 1880 bedroeg dit aantal slechts 655). Er zijn een aantal scheepstimmerwerven en er wordt handel gedreven in hout, ijzererts, graan, meel, visch en pelswerk.

Superlativum. Zie Trappen van vergelijking.

Supernaturalisme. Zie Supranaturalisme.

Superoxyd. Zie Oxyden.

Superphosphaat is een phosphorzuurhoudende kunstmeststof, die bereid wordt door behandeling van ruwe phosphaten met sterk zwavelzuur. Voor dit doel worden deze eerst in daarvoor geschikte machines gebroken en daarna fijn gemalen. Voor het malen worden welBradley- en Griffinmolens gebruikt. De fijngemalen grondstof wordt daarna in potten gedurende een paar minuten geroerd met een afgemeten hoeveelheid vooraf verdund zwavelzuur. Daarna stort de massa in zich onder de potten bevindende kelders, waar ze omstreeks een half etmaal blijft om het zwavelzuur goed op het phosphaat te doen inwerken. Voor de afleverine wordt het nrodnet

nog even fijnverkruimeld om eventueel gevormde, te groote kluiten tot poeder te maken. Bij de inwerking van het zwavelzuur wordt de in water onoplosbare driebasisch-phosphorzure kalk omgezet in de in water oplosbare eenbasisch-phosphorzure kalk en gips. Het gehalte aan in water oplosbaar phosphorzuur loopt uiteen van 11—21 %. Wordt voor de nn-

lossing van het phosphaat vrij phosphorzuur gebruikt, dan wordt het zoogenaamde dubbelsuperphosphaat verkregen met een gehalte aan in water oplosbaar phosphorzuur van 40—45 %. Dit wordt echter in den landbouw weinig gebruikt, omdat het in verhouding tot het gewone superphosphaat duur en voor practische doeleinden dikwijls te geconcentreerd is. Bij de bereiding van het vrije phosphorzuur wordt dit door filtratie van het daarbij gevormde gips gescheiden. Deze gips wordt in den handel gebracht als phosphaatgips en wanneer ze nog oplosbaar en vrij phosphorzuur bevat, als superphosphaatgips.

De waarde van het superphosphaat wordt bijna uitsluitend beoordeeld naar het gehalte aan in water oplosbaar phosphorzuur en naar zijn geschiktheid, om fijnverdeeld te kunnen worden uitgestrooid. Het gehalte aan in water oplosbaar phosphorzuur gaat gedurende de bewaring dikwijls achteruit door inwerking op nog onontleed phosphaat.

Het superphosphaat heeft een zure reactie. Het is een zeer geschikte meststof voor bijna alle gronden,

Sluiten