Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

waterrijkdom. De Tarim zeil loopt in een doog, die v de open zijde naar het Z. keert, in de nabijheid van ir den N. rand van het Tarimbekken. Van uit het JN. k (Tiënsjan) ontvangt zij nog belangrijke zijrivieren, A maar van uit het Z. (Woestijn Taklamakan) geen g' enkele. Nadat de rivier, wier bed zich voortdurend verlegt, zich in vele armen en meren heeft gesplitst, z mondt zij uit in het Karakosjoenmeer. Sven Hedm u geeft voor de lengte van het stuk van Lailik tot d Karaoel, dat door hem is bevaren, 819 km. op; met r alle bochten medegerekend 1392 km. Op dien grond- h slag zou de totale lengte 2000 km. bedragen. Het 3 gebied, dat op den Tarim afwatert, wordt geschat op 446000 v. km.; 471000 v. km. van het Tarim- r bekken zijn geheel zonder afwatering. Het uitmon- r dingsmeer heeft zich in den loop van den liistori- c schen tijd van het N. naar het Z. verplaatst; thans r schijnt het zich weer in omgekeerde richting te \

verplaatsen. _ , ^

Tarimbekken is een in de aardrijkskunde i veelvuldig gebruikte benaming van het gebied c van den Tarim (zie aldaar) in Centraal-Azië. Het valt ongeveer samen met O. Turkestan en vormt ï een deel van de Hanhai.

Targoem, een Hebreeuwsch woord (meer- < voud iargoemim) is de naam van de Aramaesche i vertalingen en gedeeltelijke omwerkingen van het " Oude Testament. Zij ontstonden, toen de Joden in i Palestina het Hebreeuwsch niet meer verstonden, zoodat het voorlezen uit den Bijbel in de volkstaal 1 moest geschieden. Meestal ging dit met verklaringen gepaard. Met de vertaling en uitlegging was een daartoe aangesteld persoon, methurgeman (vertaler) genaamd, belast. Gedurende langen tijd werden deze vertalingen niet opgeteekend. De oudste, bijna woordelijke Targoem van den Pentateuch, waarschijnlijk in de 2de eeuw n. Chr. te Palestina ontstaan en in de 5de eeuw opgeteekend te Babyion, is onder den naam Targoem van Onkelos bekend. Minder getrouw aan den tekst is de Targoem Jonathan bij de Profeten, die in zijn tegenwoordigen vorm uit de 5de eeuw afkomstig is en aan Jomthan ten Oesiel toegeschreven wordt. In de 2de helft van de 7de eeuw werd de Jeruzalemsche Targoem opgeteekend, gelijktijdig of later ontstond een Targoem bij de Hagiografen (behalve bij Daniël, Esra en Nehemia); van het boek Esther bestaan er 2 Targoemim; die bij de Spreuken van Salomo is een Joodsche bewerking van een Syrische bijbelvertaling; van den Pentateuch is er nog een Samaritaansch Targoem aanwezig. Het Targoem is in de zoogenaamde Rabbijnsche Bijbels en polyglotten afgedrukt. In 1884 heeft Berliner den Targoem van den Pentateuch, in 1872 Lagarde dien van de Profeten en m 1873 dien van de Hagiografen, Ginsburger in 1899 den Jeruzalemschen en in 1903 dien van Jonathan len Oesiel nieuw uitgegeven.

Tariatan is de naam van een soort van glad katoenen gaas, gewoonlijk effen van kleur, dat o. a. voor balcostumes wordt gebruikt. Deze stof is zeer goedkoop, maar kan niet gewasschen worden.

Tarn, een rivier in het zuiden van Frankrijk, ontspringt op de zuidelijke helling van de Mont Lozère, 1550 m. boven den zeespiegel, stroomt in een westelijke richting door de departementen Lozere, Aveyron, Tarn, Haute Garonne en Tarn et Garonne en mondt na den loop van 376 km., van welke 137 bevaarbaar zijn, uit in de Garonne. Tot haar zijri¬

vieren behooren op den rechter oever de Aveyron met de Viaur, de Serou en de Verre, en op den linker oever de Dourbie, de Dourdou, de Rance en de Agout. De Tarn vormt boven Albi den 10 m. hoogen waterval Saut de Sabo.

Tarn, een departement in het Z. van Franknjk, zoo genoemd naar de rivier de Tarn, werd gevormd uit gedeelten van de voormalige provincie Languedoc, grenst aan de departementen Aveyron, Herault, Aude, Haute Garonne en Tarn-et-Garonne, heeft een oppervlakte van 5780 v. km. en telt (1906) 330 633 inwoners.

Tarn et Garonne, een departement van Frankrijk, is samengesteld uit gedeelten van Guienne, Gascogne en Languedoc, wordt begrensd door de departementen Lot, Aveyron, Tarn, Haute Garonne, Gers en Lot-et-Garonne, heeft een oppervlakte van 3730 v. km. en telt (1906) 188 553 inwoners. Het departement wordt in de arrondissementen Castelsarrasin, Moissac en Montauban verdeeld, de hoofdstad is Montauban.

Tarnopol, een stad in Galicië, ligt aan de Sereth en aan 3 spoorwegen, bezit een rechtbank, een Poolsch gymnasium, een Roetheensch gymnasium, een hoogere burgerschool, een kweekschool voor onderwijzers, een Jezuïetencollege, een standbeeld van Mickieuricz, een stoommolen, een tegelfabriek, een levendigen handel en (1900) 30 415 inwoners.

Tarnow, een stad in Galicië, ligt in de nabijheid van de plaats, waar de Biala uitmondt in de Doenajec, aan 3 spoorwegen, is de zetel va,n een R. Katholieken bisschop en van een domkapittel, alsmede van een rechtbank, heeft een fraaie, oude domkerk, een stadhuis, twee gymnasiën, een hoogere burgerschool, een kweekschool voor onderwijzers, een bisschoppelijk seminarium, een theologische school, een rijkstuinbouwschool enz. Het aantal inwoners bedraagt (1900) 31 691. Er zijn machinefabrieken, fabrieken van ijzerwaren, van bordpapier, leer, azijn, cichorij, kaarsen, zeep, een glasblazerij, een stoommolen en bierbrouwerijen. Ook heeft de plaats een belangrijken handel

Tarnowitz, een arrondissementshoofdstad in het Pruisische district Oppeln, aan 3 spoorwegen, ligt 326 m. boven den zeespiegel, bezit een Protestantsche kerk, 2 Katholieke kerken, een synagoge, standbeelden van de markgraven Georg en Georg Friedrich van Ansiach, van vrijheer Von Stem en van keizer Wilhelm I, een reaalgymnasium, een mijnbouwschool, een landbouwwmterschool, een e voorbereidende kweekschool, een weeshuis enz. n Zij is de zetel van de Opper- Silezisclie mijnbouwr vereeniging en van de inspectie van den mijnbouw, n heeft veel ijzerindustrie, industrie van kunststeen, 9 zeep en papieren zakken, een stQömlioritza^moleri n enz. Het aantal inwoners bedraagt (190o) 12 UI.

Tarnowski, Stanislaus, graaf, een loolsch d letterkundige en staatsman, geboren den 7d" Noi vember 1837 te Dzikow m Galicië, studeerde te >r Krakau en te Weenen, nam deel aan den Poolschen opstand van 1863 en werd tot een tweejarige ker£, kerstraf veroordeeld. In 1867 werd hij lid van den j- Galicischen Landdag en van den Rijksraad, wijdde m zich daarna geheel en al aan de wetenschap en werd e in 1871 buitengewoon en in 1879 gewoon hoogleerïè aar in de Poolsche letterkunde aan de universiteit S7 te Krakau. In 1884 werd hij lid van het Oostennjki- sche Heerenhuisjenjin 1890 president van de Aca-

Sluiten